Nihon Sport

Gastblog Willem Visser: “De club centraal”

Willem Visser in Japan met de talenten Ivo Verhorstert en Quincy Haefkens

Download onderstaand artikel als PDF in de originele opmaak:

 

Onder de noemer “De club centraal” introduceerde de JBN een project. De titel van het project geeft de belangrijkheid van de judo-club aan; inderdaad, de judo-club is belangrijk en zelfs onmisbaar in judo-Nederland.

Judo bestaat onder andere uit randori (techniektraining ligt daaraan ten grondslag), shiai (wedstrijd; randori is daarvoor de basis) en kata (de grammatica, de principes van judo).
Judo kan beoefend worden als spel (waaronder pedagogisch spel), sport (wedstrijden), zelfverdediging, algemene conditietraining, recreatie en bewegings-culturele activiteit (onder andere kata).
Door judo traint en ontwikkelt men zeer uitgebreid de bewegingsgevormdheid (onder andere: snelheid, coördinatie, timing enz.) alsmede allerlei ‘krachten’ op het gebied van fysieke gesteldheid, psyche, esthetica, cybernetica, filosofie, cultuur e.a. fenomenen.
In dit artikel wil ik me vooral richten op de importantie van de judo-club bij het ontwikkelen van randori en shiai, omdat, door de huidige nationale centralisatie, de centrale plaats waar wedstrijdvoorbereiding dient plaats te vinden, de judo-club, bedreigd wordt of wellicht al is vervaagd of weggevallen.
Sterke judo-clubs zullen ook het niveau en het ledenaantal van de JBN vergroten en dus ook de financiële positie, waardoor de onafhankelijkheid van het NOC weer kan worden opgeëist; tevens zal de aanwas voor de nationale en regionale centrale trainingen toenemen.

De vraag is hoe men met relatief kleine trainingsgroepen (bijvoorbeeld 12 judoka) in de judo-club een optimale voorbereiding kan doen voor wedstrijden en hoe men een belangrijke bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van de topjudoka?
Natuurlijk zullen er vooraf professionele afspraken gemaakt moeten worden over de trainingsmomenten op club- regionaal en nationaal niveau. (Het is hier goed om te realiseren dat professioneel hier betekent: deskundig, integer en bereid en in staat om samen te werken!)
De afstemming zou kunnen zijn: maandag, dinsdag, donderdag clubniveau en op woensdag, vrijdag en zaterdag regionaal of nationaal niveau, afhankelijk van het niveau, de leeftijd, het wedstrijdresultaat en andere competenties van de individuele judoka.
Indien mogelijk of wenselijk kan de judo-club ook nog trainen op de zondagochtend en de regionale en centrale organisatie zal zorg dragen voor de noodzakelijke internationale trainingsstages!
De bovenstaande afstemming zal betekenen, dat de club ook weer een belangrijke plaats krijgt/heeft in de ontwikkeling van de judoka.
Clubcoaches zullen geïnspireerd blijven om judoka op te leiden met alle positieve gevolgen van dien.
Voor zo’n clubtraining ontwikkelde ondergetekende een standaard-wedstrijdtraining met enige varianten, die kunnen worden gebruikt. (De successen van de judoka van de Judo Ryu Nijmegen zijn mede door deze structuur behaald.) Iedere coach zal zich echter wel moeten realiseren, dat een trainingsstructuur een hulpmiddel is om judoka te ontwikkelen. De individuele judoka staat centraal!
De standaard wedstrijdtraining heeft tot doel:

  1. Technische ontwikkeling van judoka;
  2. Voldoen aan de behoefte van de individuele judoka;
  3. Periodiseren op basis van techniek;
  4. Kleine trainingsgroepen optimaal ontwikkelen;
  5. Randori is de beste trainingsvorm; de standaard wedstrijdtraining verbetert randori en shiai.

Onder de weergave van de standaard-wedstrijdtraining heb ik nog een klein overzicht gegeven van de verschillende soorten van belasting; hieruit wordt duidelijk dat fysieke en mentale belasting steeds wordt afgewisseld.

Standaard wedstrijdtraining:
Taiso                   10 minuten

  • Circulatie warming-up
  • Normalisering
  • Stretching
    Ukemi
  • valoefening
    Uchi-komi 1                 10 minuten
  • judo-technische warming-up
    Uchi-komi 2                 15 minuten
  • interval training
    Yaku-soku-geiko        5 minuten
  • op de beurt werpen
    Kakari-geiko              15 minuten
  • Tori valt aan, Uke ontwijkt
    (op intervalbasis mogelijk)
    Sotai-renshu Nage-waza.          20 minuten
  • aanleren of verbeteren
    van een werptechniek
    Randori Nage-waza            15 minuten
  • 2 á 3 maal 5 minuten
    Sotai-renshu Ne-waza           10 minuten
  • aanleren of verbeteren
    van een controletechniek
    Randori Ne-waza            15 minuten
  • 3 maal 5 min.
    of 2 maal 7 ½ minuut
    Seiry Taiso           5 minuten
  • lichte Uchi-komi en stretching
    Mondo
  • technische, tactische of organisatorische aanwijzingen
    Moku-so
  • ideo-motorische en positiefsuggestieve training
    Bovenstaande is een basis wedstrijdtraining. Bij specifieke behoefte kan uiteraard worden afgeweken.

De techniekkeuze voor beide Sotai-renshu dient op jaarbasis te worden vastgelegd aan de hand van:

  • Ideaalbeeld van judo (visie);
  • Individuele behoefte judoka;
  • Statistische conclusies, verkregen uit informatie van het vorige seizoen;
  • Nationale en Internationale ontwikkelingen;
  • De periode in het trainingsseizoen (vooral van belang bij uchi komi intervaltraining).
    De periodes zijn:
    a. Algemeen voorbereidende periode
    b. Specifiek voorbereidende periode
    c. Voorbereidende wedstrijdperiode
    d. Voorbereidende en eigenlijke wedstrijdperiode
    e. Eigenlijke wedstrijdperiode
    Wellicht later meer hierover.

Variaties op Standaard Wedstrijdtraining:
Uit fysiologische, didactische of methodische overwegingen kan men een variatie maken op de standaard wedstrijdtraining, door het Ne-waza gedeelte naar voren te halen. De training komt er dan als volgt uit te zien:

Taiso (inclusiefs Ebi en Hiki-komi) 15 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
Randori Ne-waza 10 minuten
Uchi-komi 1 10 minuten
Uchi-komi 2 15 minuten
Yaku-soku-geiko 5 minuten
Kakari-geiko 15 minuten
Sotai-renshu Nage-waza 20 minuten
Randori Nage-waza 10 minuten
Seiry Taiso 5 minuten
Mondo 2 minuten
Moku-so 3 minuten

Op bovenstaande indeling kan nog een variant gemaakt worden door de Uchi-komi 2 na de Randori Nage-waza te plaatsen, wat naast fysiologische effecten ook mentale effecten heeft.
De oefenstof (inhoud) kan in deze lesindelingen (vorm) gegoten worden, waarmee dus vorm en inhoud wordt gegeven aan een jaarplan en zelfs meerjarenplan.
Vorm en inhoud vormen tezamen een structuur. Op deze wijze werkt men dus gestructureerd naar een doel.
Met……niveau bepaling aan het einde van een fase.

Verantwoording en uitleg van de verschillende trainingsonderdelen

Taiso
De fysiologische waarde van een warming-up zijn voldoende aangetoond en behoeven hier niet te worden behandeld. In de warming-up onderscheiden we drie onderdelen:
a) De circulatie warming-up

  • Het losmaken van spieren en gewrichten;
  • Het opwarmen van de spieren;
  • Het op arbeidsniveau brengen van de organen.
    b) De normalisering
  • Spierversterking; na gewenning zal dit ook op peil houden van de spierkracht betekenen.
    c) Het stretchen
  • Licht en kort statisch rekken van de spiergroepen.
  •  

Ukemi
Valoefening is altijd in een training opgenomen. Het is van zowel technische als wel van psychisch/mentale waarde. Het Zempo Kaiten (rollen) heeft ook zeer coördinatieve waarden; Nl. bij het rollen behoort men de lichaamsledematen zo gunstig mogelijk te groeperen rondom het zwaartepunt.
Het vallen is de ziel van het judo.

Uchi-komi
We onderscheiden globaal twee Uchi-komi momenten in een training:
a) Als specifieke warming-up en als cooling-down;
b) Als conditietraining op basis van techniek;
a. Als algemene conditietraining;
b. Als specifieke intervaltraining, (voorbeeld; belasting en rust kan variëren):
i. Duurtraining: 1:30 arbeid, 0:30 rust
ii. Tempotraining: 0:45 arbeid, 0:30 rust
iii. Snelheidstraining: 0:30 arbeid, 1:00/1:30 rust
E.e.a. wordt geperiodiseerd, d.w.z. ingedeeld in de week en dus verdeeld over 6 trainingseenheden en afgestemd op de periode in het seizoen en soms bijvoorbeeld bij trainingsachterstand, individueel aangepast.

Uchi-komi ingedeeld naar bewegingsverloop

1) Butsu-kari
Balans verstoren en inkomen maken in twee pasritme voor worpen in voorwaartse richting en achterwaartse richting. In voorwaartse richting onderscheiden we dan ook nog Koshi-waza en Te-waza en in achterwaartse richting onderscheiden we O-uchi-gari, Ko-uchi-gari en O-soto-gari.
Bewegingsverloop:

  • Stilstaande met zwaaibeen;
  • In beweging met zwaaibeen;
  • In Shintai (bewegend in sagittale vlak).
    Doel en plaats:
  • Specifieke warming-up en bij de cooling-down met als doel perfectioneren van Kuzushi en Tsukuri.

2) Uchi-komi met zwaaibeen, te gebruiken als:
Bewegingsverloop:

  • Stilstaande;
  • In beweging

Doel en plaats:

  • Specifieke warming-up en cooling-down;
  • Intervaltraining;
  • Onderdeel van de techniekverbetering (langzame bewegingsaanloop en bewegingsafloop).
  •  

3) Uchi-komi met uitstappen:
Bewegingsverloop:

  • Stilstaande;
  • In beweging

Doel en plaats:

  • Specifieke warming-up;
  • Intervaltraining.

4) Uchi-komi in Shintai:
Bewegingsverloop:

  • Recht naar links;
  • Links naar links;
  • Rechts naar links en omgekeerd;
  • Afwisselend rechts-links of links-rechts.
  • Doel en plaats:
  • Interval training;
  • Cooling-down;
  • In periode van actief herstel.
    Men leert met deze Uchi-komi tevens onmiddellijk te antwoorden op een techniek van de opponent.

5) Uchi-komi met verbindingen:
Bewegingsverloop:

  • Renzoku-waza: In dezelfde richting bijv. Seoi-nage ->Ippon-seoi-nage
  • – Renraku-waza: In de andere richting bijv. O-uchi-gari -> Tai-otoshi

Doel en plaats:

  • Specifieke warming-up;
  • Techniektraining.

6) Uchi-komi vrij bewegend over de mat:
Bewegingsverloop:
(Voorbereiding, Kuzushi, Tsukuri)
Bijvoorbeeld 5 maal rechts en 5 maal links:

  • Opdracht;
  • Eigen keuze van techniek;
  • Verbindingen;
  • Overname.
    Doel en plaats:
  • Techniektraining;
  • Laatste trainingen voor de wedstrijddag.

7) Uchi-komi (Okuri-)eri Kumi-kata:
Bewegingsverloop:
Voortdurend achter elkaar:

  • Inzet rechts naar achter;
  • Inzet rechts naar voor;
  • Inzet links naar achter;
  • Inzet links naar voor.
    Doel en plaats:
  • Warming-up voor wedstrijden;
  • Techniektraining;
  • Concentratietraining, vooral aan het einde van een zware training.

Yaku-soku-geiko
Op de beurt werpen; vrije techniekkeuze. De judoka kiezen veelal hun Tokui-waza (specialiteit) in verschillende bewegingsrichtingen en/of hun specifieke voorbereiding of met gevarieerde Kumi-kata.

Kakari-geiko
Tori valt aan, 5 maal 1 minuut en Uke ontwijkt 5 maal 1 minuut. Om de minuut wordt van functie gewisseld en om de twee minuten wordt van partner gewisseld.
In de rust wordt de kleding geordend en de polsslag gecontroleerd.

Men dient onderscheid te maken in ontwijken en verdedigen:

  • Ontwijken:
    Zonder blokkeringen, los in de armen, geen overname techniek, spelen met het zwaartepunt.
  • Verdedigen:
    Ontwijken en blokkeren, wel overname en techniek.
    In de Kakari-geiko wordt de eigen bewegingsgevormdheid ontwikkeld. Er wordt veel gebruik gemaakt van Tokui-waza en verbindingen. Ook worden technieken, die in de vorige trainingen beoefend zijn, uitgeprobeerd c.q. eigen gemaakt.
    Kakari-geiko is een zeer belangrijk trainingsonderdeel, vooral omdat het een zeer specifieke bewegingsgevormdheid geeft.

Sotai-renshu Nage-waza
In dit oefengedeelte worden gedurende 20 minuten in een langzaam tempo, maar uiterst nauwkeurig, nieuwe bewegingen aangeleerd, eventueel verbeterd. Ook vele speciale Kumi-kata met bijbehorende werptechniek worden aangeleerd en verbeterd. Ieder oefent dezelfde beweging, ook al is het een techniek, die men zelf niet zal maken in Shiai. Bovenstaande beoefent men links en rechts. Dit wordt door velen als tijdsverlies gezien. Dit is echter een grote misvatting. Immers; de bewegingsgevormdheid wordt vergroot, men krijgt inzicht in de beweging, waardoor het gemakkelijker wordt te anticiperen op de aanval van de tegenstrever. Als men bijvoorbeeld verschillende malen in Shiai geworpen is met Yoko-tomoe-nage, dan verdient het aanbeveling Yoko-tomoe-nage te bestuderen, dus beoefenen.

Randori Nage-waza
Hierin wordt Tokui-waza, verbindingen en overnames en aangeleerde techniek in Sotai-renshu, zeer offensief in spel beoefend. De kamp om de Kumi-kata speelt een rol, maar zeker geen hoofdrol. Hieraan wordt in sommige trainingen apart aandacht besteed.
Maki-komi-waza is in training verboden, daar dit techniekontwikkeling remt, zelfs terugdringt.

Sotai-renshu Ne-waza
Zie Sotai-renshu Nage-waza. De oefentijd van nieuwe techniek is korter dan bij Nage-waza, daar het trainen van het moment van minder belang is (let wel, van minder belang, dus niet van geen belang).

Randori Ne-waza
De eigen voorkeurstechnieken en de eventueel nieuw aangeleerde technieken worden in spel getraind.
Accenten:

  • Vecht je naar initiatief en tracht het te behouden;
  • Weet door te verbinden, dus anticiperen; zien en voelen in vele projecties en perspectieven;
  • Het verkrijgen van controle is veel belangrijker dan de sensatie van de Shime-waza of Ude-kansetsu-waza (in Shiai probeert men vak zonder controle tot klem of omstrengeling te komen, waardoor veelvuldige mislukking voorkomt. Dus eerst controle en daarna pas opgave techniek plaatsen).

Seiry Taiso
Lichte Uchi-komi om de bekende fysiologische redenen, maar ook omdat de techniek wordt geschoold, als technische oefeningen nog worden verricht in omstandigheden van vermoeidheid.
Uiteraard wordt voor langzame uitvoeringswijze gekozen. Het stretchen wordt per spiergroep langer aangehouden, daar de spier nu veel warmer is als aan het begin van de training.

Mondo
Technische, tactische of organisatorische aanwijzingen.

Moku-so
Gedurende 2 á 3 minuten zitten de judoka in Seiza, met de opdracht in stilte de training door te nemen, vooral het nieuwe aangeleerde (ideo-motorische training). Ook een stuk positief-suggestieve training is vertegenwoordigd. Niet “tobben” over wat fout ging, maar “zich verheugend” denken over wat goed ding. (Judoka kunnen in dit verband ook geadviseerd worden, om voor het slapen gaan, enige minuten zo bezig te zijn met Tokui-waza of met techniek, die men moet of wil eigen maken).

Verhouding Nage-waza — Ne-waza, gezien in trainingstijd
Nage-waza Ne-waza
Basisfase A 8-10 jaar 50% 50%
Basisfase B 11-14 jaar 55% 45%
Uitbouwfase 14-17 jaar 60% 40%
Aansluitingsfase 18-20 jaar 65% 35%
Topsportfase vanaf 20 jaar 65% 35%

Belasting bij de verschillende trainingsonderdelen
           Fysiologische belasting Mentale belasting
Taiso.                 1 tot 3                            1
Ukemi               1                                      2
Uchi-komi 1     2 tot 3.                           2
Uchi-komi 2.    3 tot 4                            2
Yaku-soku-geiko    2                              3
Kakari-geiko   3 tot 4                            4
Sotai-renshu Nage-waza 2 tot 3.        4
Randori Nage-waza 4.                     3 tot 4
Sotai-renshu Ne-waza 2                      4
Randori Ne-waza 4.                         3 tot 4
Seiry Taiso      2 tot 1                           2
Mondo.           —                                   2
Moku-so          1                                   3

Dit is een globale analyse. Strikt genomen laat belasting zich niet scheiden, wel kan worden onderscheiden.
Getracht dient te worden om een wat golvende belastingscurve te krijgen.
(Waardering tabel: 1 = zeer laag, 2 = laag, 3 = hoog, 4 = zeer hoog)

Aan het eind van dit artikel
Het is noodzakelijk om te stellen, dat de inhoud van dit artikel slechts een heel klein onderdeel is van alle facetten die bij de ontwikkeling van een (top)judoka een rol spelen. Het is mijn bedoeling om een mogelijke leidraad te geven voor judo-clubs en judocoaches om gericht training te geven, waardoor judoka successen kunnen behalen.
Ook stel ik er prijs op om coaches en judo-clubs te stimuleren om zich bezig te houden met wedstrijdjudo. (Ja, het is gemakkelijk om iemand een kata aan te leren; hoeveel gecompliceerder en moeilijker is het om als coach een bijdrage te leveren om een judoka regionaal, nationaal of internationaal te laten presteren of zelfs kampioen te zien worden?)
Twee keer per jaar een programma maken volstaat. Eén voor de periode augustus- december en één voor de periode januari- mei.
Nu dus een mooi tijdstip om de tweede periode voor te bereiden om het Nieuwe Jaar goed te beginnen.
Voorspoedig Nieuwjaar!

Willem Visser
December 2018

Download onderstaand het artikel als PDF in de originele opmaak:

Uitgebreide fotoreportage Open Twents Judokampioenschap 2018

Uitgebreide fotoreportage Open Twents Judokampioenschap 2018

Foto’s gemaakt door Marco Krachten.

Bekijk de volledige reportage’s via onderstaande links:

Podium foto’s zaterdag HIER

Foto’s meetmoment JBN HIER

Podium foto’s zondag HIER

Foto’s zondag HIER

Sfeerkeepers. Wie zijn we en wat doen we?

Sfeerkeepers zijn sociale verbinders en bruggenbouwers in hun werkgebied. Wij leveren onze bijdrage aan sociale veiligheid en ondersteunen jongeren tussen 12 en 23 jaar in hun reis naar het beste plekje in de maatschappij. Wij zijn te vinden in scholen, buurten en wijken en bij evenementen.  Daarnaast houden wij ons bezig met verschillende projecten die de doelstelling hebben, de leefbaarheid in onze samenleving te vergroten. Onze expertise is gebundeld in de erkende Leerroute Sfeerkeeper en opgebouwd in diverse niveaus. Jongeren ontwikkelen zich op basis van hun natuurlijke talenten door middel van ervaringsleren in het maatschappelijk velden brengen hun expertise mee. Op deze wijze leveren zij een directe bijdragen de Leerroute en hun omgeving, leren verantwoording te nemen en worden betekenisvol in een positieve rol.

Sport is hierbij een belangrijk bindmiddel. Teambuilding door middel van teamsporten, fysieke vaardigheden en proportioneel en professioneel handelen komen extra aan bod bijzonder andere de boks- en judolessen.

Net als bij de sport willen wij door middel van de Leerroute Sfeerkeeper de jongeren een podium bieden. De ervaringen van hun succesmomenten dragen bij aan een positief zelfbeeld en de plek in onze maatschappij, waarbij zij met hun talenten het beste tot hun recht komen. Ons meest recente rolmodel is Soumia. Van Junior Sfeerkeeper naar Junior Voorname Vrouw in de gemeente Venlo. Een mooie mijlpalen podium voor deze topper.

Stichting Venlo Vrouwen

is vereerd om de Junior Venloos Voorname Vrouw 2019 bekend te kunnen maken.

Soumia Hardadou

Soumia Hardadou (1998), ook bekend als Mia, mag voor het komende jaar de titel dragen.Venloos Voorname Vrouw 2018 Loes Keijsers staat helemaal achter de keuze van Soumia.

 Op vrijdag 8 maart 2019 tijdens de viering van Internationale Vrouwendag in het stadhuis van Venlo zal zij de bijbehorende onderscheidingen in ontvangst nemen.Als sfeerkeeper maakt Soumia het verschil als het gaat om de verbinding tussen twee werelden; straatcultuur en burgercultuur. Ze is een ‘rolmodel’ voor de Venlose jeugd omdat zij een positief voorbeeld is voor jongeren en omdat ze aanzien geniet in hun leefwereld.
Daarnaast is ze een zeer bescheiden persoon die het zelf helemaal niet bijzonder vindt wat ze doet.

De eretitel  ‘Junior Venloos Voorname Vrouw’  gaat naar Soumia omdat zij:

  • als Venlose vrouw haar mannetje staat met een grote glimlach op haar gezicht
  • zowel autochtone als allochtone jongeren zien haar als een rolmodel
  • als Marokkaanse Nederlander inwoner van de gemeente Venlo zich al jaren inzet voor de sfeer in de Venlose samenleving en binnenstad. Ze zorgt voor de veiligheid bij Viva Classic Live waar wereldberoemde internationale gasten optreden. Of tijdens de Venlose carnaval bij de Maaspoort, De Boetegewoëne Boëtezitting, Spijs, Venlospelen, Open Dagen Stadskantoor en Venlo on Stage.
  • de sfeer in en rondom het Blariacumcollege Juniorcollege mee bewaakt
  • bescheiden is, maar ook daadkrachtig
  • draagt haar liefde voor Venlo op een mooie duidelijke manier uit naar de jeugd

Wellicht is het goed om de achtergrond van de opleiding Sfeerkeeper te schetsen.Stichting opleiding Sfeerkeepers ontstond omdat de afgelopen jaren het bedrijfsleven, buurtbewoners en scholen, steeds meer signalen ontvingen van straatjongeren, die in conflict kwamen met hun omgeving. Die onrust en overlast vond deels zijn oorzaak in de kloof tussen ‘burgercultuur’ en ‘straatcultuur’.

In het contact met scholen, ouders en buurtbewoners bleek behoefte aan meer veiligheid en een betere sfeer. Zo ontsproot het idee om leerplichtige jongeren – en eenieder die geïnteresseerd is in het werken met die jongeren – middels een gerichte opleiding verder te bekwamen in het bewaken van de sfeer.

Voor meer informatie hierover ga dan naar www.venlovrouwen.nl

Sfeerkeepers… in de aanpak zit de verandering!

Voor meer informatie over ons verwijzen wij graag naar onze website www.sfeerkeepers.nl

Uitgebreide fotoreportage 7e TopJudoToernooi Almere 2018

 

 

Uitgebreide fotoreportage 7e TopJudoToernooi Almere 2018

Foto’s gemaakt door Marco Krachten.

Bekijk de volledige reportage HIER

 

 

 

 

 

 

 

Uitgebreide fotoreportage The Hague Grand Prix 16, 17 en 18 November 2018

 

 

 

Uitgebreide fotoreportage The Hague Grand Prix 16, 17 en 18 November 2018

Foto’s gemaakt door Marco Krachten.

Bekijk de volledige reportage :

Dag 1

Dag 2

Dag 3

 

 

 

 

 

 

 

 

Uitgebreide fotoreportage adidas Internationaal Residentie judotoernooi Den Haag 10 en 11 November 2018

 

 

 

 

 

Uitgebreide fotoreportage adidas Internationaal Residentie judotoernooi Den Haag 10 en 11 November 2018

Foto’s gemaakt door Marco Krachten.

Bekijk de volledige reportage HIER voor dag 1 (zaterdag 10 november) en HIER voor dag 2 (zondag 11 november)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Boxercise helpt de bokssport te vernieuwen

 

De Nederlandse Boksbond timmert aan de weg met een nieuw concept. ‘Boxercise’ is een methode om verantwoord, intensief, veilig, leuk en supereffectief te werken aan ‘boxing skills’, ook buiten de traditionele boksvereniging. Is Boxercise het antwoord waarmee de bond boksen laagdrempelig maakt en maatschappelijke betekenis en een positief imago geeft?

 

Vechtsport wordt steeds populairder. Jongeren, werknemers aan de Zuidas van Amsterdam en jonge vrouwen worden aangetrokken door boksen als work-out in de gym, als extraatje in het fitnesscentrum of als warming up of cardiotraining naast het hockeyen. Bij Box & Joy in Utrecht wordt boksen gecombineerd met bijvoorbeeld yoga of meditatie. Vorig jaar verscheen bij het Mulier Instituut een rapportage over cijfers in de Vechtsport (Elling, Schootenmeyer & van der Dool, 2017).

 

Vechtsport is populair

 

In Amsterdam blijkt de populariteit van vechtsporten (uitgezonderd judo) bijvoorbeeld hoog bij kinderen van zes tot elf jaar. Vechtsporten zijn onder alle etnische groepen populair, maar vooral onder jongens en mannen van niet-westerse herkomst. Bij Amsterdamse jongeren onder de achttien jaar staan vechtsporten – inclusief judo – op de derde plaats na voetbal en zwemmen. Ook bij sporters met een Surinaamse, Antilliaanse, Turkse of Marokkaanse achtergrond staan vechtsporten in de top vijf van favoriete sporten (zie Selten, Greven & Bosveld, 2013).

 

Lees HIER verder

 

Sambo Bond Nederland en de Koninklijke Nederlandse Krachtsport en Fitnessbond slaan de handen in elkaar.

Paul Lengkeek – KNKF (links) en Hendrik Jan Ningbers – SBN (rechts)

 

 

Woensdagavond 12 september hebben Paul Lengkeek, voorzitter van de KNKF en Hendrik Jan Ningbers, voorzitter van de SBN de samenwerkingsovereenkomst ondertekend voor de toetreding van de Sambo Bond Nederland bij de Koninklijke Nederlandse Krachtsport en Fitnessbond.

 

De samenwerkingsovereenkomst is in Ommen waar de Sambo Bond Nederland is gehuisvest letterlijk en figuurlijk op de sambo – worstel mat getekend. Door deze samenwerking is er door de Sambo Bond Nederland een mooie volgende stap gezet om de sambosport in Nederland nog meer op de kaart te zetten en te laten groeien. Het ligt dan ook in de bedoeling om de krachten op allerlei fronten te bundelen en elkaars ervaringen en kennis te delen. Door toetreding van de Sambo Bond Nederland bij de Koninklijke Nederlandse Krachtsport en Fitness bond kan er nog beter maar ook meer op recreatief, sportief, organisatorisch en zo ook op het gebied van topsport met sportparticipatie van het NOC*NSF gecreëerd worden.

 

Wij willen hiermee nogmaals graag Paul Lengkeek en de Koninklijke Nederlandse Krachtsport en Fitnessbond en allen die zich voor deze samenwerking ingezet hebben hartelijk bedanken.

 

Onze missie Sambo voor elk … 4U2! willen wij hiermee graag nog eens weer onderstrepen.

 

Sambo Bond

Uitgebreide fotoreportage Internationaal Open Alkmaars judotoernooi 2018

 

Uitgebreide fotoreportage Internationaal Open Alkmaars judotoernooi 2018

Foto’s gemaakt door Marco Krachten.

Bekijk de volledige reportage HIER

 

 

 

 

 

 

Weerbaarheid versus vechtsport

 

 

Eind jaren negentig mocht ik geen opleiding MKP (Marietje Kessels Project) volgen, omdat ik geen vechtsport had gedaan.

 

Ik vond het een beetje een rare redenering. Mijn werk had zich voornamelijk afgespeeld in internaten waar zogenaamde moeilijke opvoedbare kinderen woonden. En ja, midden jaren zeventig had ik al een werkstuk geschreven over agressie in de hulpverlening. Daar werd op de sociale academie een beetje lacherig over gedaan, als je pedagogiek gestudeerd hebt, word je niet bedreigd met een vlindermes of kapotte bierfles. Een collega met vechtsportachtergrond zei op een bepaald moment: ‘Als je nooit bedreigd bent, weet je niet hoe je zult reageren’. Waarop mijn vraag was: ‘Ben jij ooit bedreigd?’ Daarop moest hij het antwoord schuldig blijven, maar ik wist dat hij degene was die het conflict opzocht. Daarop vroeg ik aan groep 8 basisschool: ‘Ik heb ergens gewerkt waar ik veel agressie tegen kwam, van ouders en van kinderen. Vechtsport was niet aan de orde bij het personeel. Wat hadden mijn collega’s wel in huis, zodat ze met de beschadigde kinderen konden werken’. ‘ZELFVERTROUWEN’ was het antwoord van een van de jongens. Toen wist ik, dat vechtsport niets met weerbaarheid te maken heeft. Je kunt er wel weerbaar van worden, maar dat heeft alles te maken met degene die jou dit leert. Van iedere sport kun je weerbaar worden, dat heeft met degene te maken die jou coacht.

 

In 1996 werd judoleraar Ooms aangeklaagd door 3 topjudoka’s: Staps, Van der Lee en De Kok vanwege misbruik. Dat voorbeeld heb ik vaak gebruikt op ouderavonden om duidelijk te maken dat er iets anders nodig is, dan vechtsport alleen, om weerbaar te worden. Het antwoord van de jongen- zelfvertrouwen- is voor mij nog steeds het enige juiste antwoord.

 

Inmiddels zijn we weer een aantal jaren verder, heb ik mijn eigen boeken geschreven over weerbaarheid, zowel voor kinderen als voor ouders. Methode A, B. en D. In eerste instantie wilde ik het programma Methode Bertha noemen, omdat sociaal emotioneel werken vereist dat je authentiek bent.

 

 

 

 

Op verzoek van een aantal directeuren van scholen, ben ik begonnen met het traject voor erkenning van mijn methodiek bij het Nederlands Jeugd Instituut. Wat schetst mijn verbazing als de ambtenaren me fijntjes uit weten te leggen dat mijn doelgroep te groot is. Hoezo te groot? Je kunt niet voor alle kinderen een programma maken en u pretendeert dit klassikaal te doen. Mijn tegenvraag was dus: ‘Bedoelt u dat geen enkele leerkracht sociaal emotioneel een programma klassikaal kan doen?’ Het bleef even stil aan de lijn. De ambtenaar was zo vriendelijk om me te gaan helpen met het ontwikkelen. Helaas, mijn programma is klaar, daar hoeft niets meer aan ontwikkeld te worden. Niet omdat ik de wijsheid in pacht heb, maar omdat ik trainers leer om vanuit hun eigen zelfvertrouwen met het programma aan de slag te gaan. Hun eigen Methode Jantje en Marietje te draaien.

 

Nadat het Trimbos instituut had onderzocht dat klassikale interventies meer opleveren dan kleine groepen of halve klassen, heb ik weer contact gezocht met het NJI. Een nieuwe behulpzame ambtenaar gaf aan waarom andere programma’s ook niet erkend waren vanwege de vechtsporttechnieken. In mijn programma trappen kinderen namelijk tegen een kussen. Mijn vraag is dan: ‘Gaan we het voetballen afschaffen, want die trappen ook, wel tegen een bal, maar toch’. Ook handballen, want die kinderen leren om met een bal raak te gooien, evenals bij tennis, volley, hockey- die hebben zelfs een stick-, rugby, softbal, korfbal. Dan blijft atletiek over, maar ja, daar leer je hard rennen en dat kun je gebruiken als je aan het inbreken bent, een speer of discus gooien is uiteraard uit den boze.  Wat blijft over? Zwemmen? Bridge? Schaken? Volgens mij is het trappen niet de oorzaak van het slechte imago van de vechtsport. Zelfs bij de bewegingsoefeningen van omroep Max moeten er boksbewegingen worden gemaakt. Ook afschaffen?

 

Gelukkig begint het imago van de vechtsport te kantelen met dank aan o.a. Rico Verhoeven. Mensen die hun boosheid niet kunnen beteugelen, zullen altijd een probleem hebben. Kinderen die goed boos kunnen worden, vinden dit zelf meestal verschrikkelijk: onmacht, verdriet, frustratie, pijn zit eronder.

 

Maar “Kinderen leren om agressie om te zetten in moed” is een fantastische werkopdracht als je met weerbaarheid bezig bent. En volgens mij zit de wereld te wachten op moedige mensen!!

 

 

We gebruiken onder andere analytische cookies om ons websiteverkeer geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen.
Meer informatie over de verwerkte gegevens kunt u lezen in onze privacystatement.

[X] Ik ga akkoord met bovengenoemde privacy verklaring