Uitgebreide fotoreportage Nederlands Kampioenschap Judo 2019.
Foto’s gemaakt door Marco Krachten.
Bekijk de volledige reportage HIER
Uitgebreide fotoreportage Nederlands Kampioenschap Judo 2019.
Foto’s gemaakt door Marco Krachten.
Bekijk de volledige reportage HIER

Sporters die in het verleden een hersenschudding hebben opgelopen, hebben op latere leeftijd meer geheugen- en aandachtsproblemen. Dat blijkt uit een grote overzichtsstudie naar het verband tussen eerder opgelopen hersenschuddingen en cognitief functioneren bij oud-sporters.
De resultaten van de overzichtsstudie bevestigen het belang om klachten bij sporters met een hersenschudding serieus te nemen. Want dat een hersenschudding blijvende schade aan het brein kan veroorzaken, is niets nieuws. Dat er echter een verband bestaat tussen een hersenschudding en cognitieve functies – zoals geheugen, aandacht en concentratie – vele jaren later, was nog onbekend volgens een groep Chinese en Amerikaanse onderzoekers. Zij namen daarom recentelijk alle literatuur over dit onderwerp onder de loep en publiceerde hun bevindingen in het wetenschappelijk tijdschrift Brain Sciences.
Lees HIER verder
Uitgebreide fotoreportage Europees Kampioenschap Judo -21 2019.
Foto’s gemaakt door Marco Krachten.
Bekijk de volledige reportage HIER

Uitgebreide fotoreportage NKT Almere 2019.
Foto’s gemaakt door Marco Krachten.
Bekijk de volledige reportage HIER
Klik op onderstaande foto voor een diavoorstelling van een selectie van de foto’s

De kans op mondschade is minstens twee keer zo klein bij sporters die een bitje dragen. Dat blijkt uit een grote overzichtsstudie naar de effecten van gebitsbeschermers op mondblessures bij sporters.
Het idee dat een bitje gebitsschade zou voorkomen is niks nieuws. Sinds 2015 zijn hockeyers in Nederland zelfs verplicht om een bitje te dragen tijdens wedstrijden. Ook in andere contactsporten, zoals handbal, neemt het gebruik van deze mondbeschermer toe. Toch twijfelen mensen of een bitje in sommige gevallen niet juist meer schade veróórzaakt dan voorkómt. Bij een harde bal of tik zou een bitje de kracht verdelen over het hele gebit, waardoor uiteindelijk meer tanden zouden beschadigen. Veel onderzoekers keken daarom de afgelopen jaren of het aantal mondblessures vermindert door het gebruik van een mondbeschermer. Een Amerikaanse onderzoeksgroep vond het nu hoog tijd om alle studies hiernaar over de periode 1956 – 2018 op een rij te zetten.
Lees HIER verder
In judo kan men een onderscheid maken in:
a. Algemeen voorbereidende periode
b. Specifiek voorbereidende periode
c. Voorbereidende wedstrijdperiode
d. Voorbereidende en eigenlijke wedstrijdperiode
e. Eigenlijke wedstrijdperiode
In de algemeen voorbereidende periode vindt de algemene en basisconditietraining plaats.
De algemene conditietraining heeft als doel de fundamentele fysieke kwaliteiten te verbeteren met een middelmatige omvang en een lage intensiteit.
De basisconditionering heeft als doel de fundamentele fysieke kwaliteiten te verbeteren en ook de motorische en psychologische vaardigheden. De omvang neemt toe tot hoog en de intensiteit blijft middelmatig tot laag.
De specifiek voorbereidende periode versterkt de sport-specifieke functionele fysieke kwaliteiten, de basale en complexe motorische vaardigheden en de meer specifieke psychologische vaardigheden.
De hoge omvang loopt terug tot middelmatig en de intensiteit stijgt van middelmatig tot hoog.
In de voorbereidende wedstrijdperiode moet men de fysieke kwaliteiten onderhouden, er moet veel aandacht zijn voor individuele uitbouw: technisch, tactisch en strategisch.
In deze periode dient men te trainen met een middelmatige tot hoge intensiteit en met een middelmatige omvang.
De te maken randori en renshu shiai (oefenwedstrijden) worden scherp geëvalueerd en er wordt lering uit getrokken; in de training wordt aandacht besteed aan de verkregen informatie.
De voorbereidende en eigenlijke wedstrijdperiode wordt gekenmerkt door nog sterkere individuele gerichtheid, concentratie en wedstrijdmotivatie. In termen van trainingsdoelstellingen kan men spreken van een optimale last.
De eigenlijke wedstrijdperiode is gelijk aan de voorbereidende wedstrijdperiode. Er is nu een optimale last in termen van wedstrijddoelstellingen.
Aan het einde van de wedstrijdperiode vindt een overgang plaats. De omvang daalt tot middelmatig met een lage intensiteit en de basale motorische vaardigheden, tactieken en fundamentele fysieke kwaliteiten worden getraind.
Na deze periode vindt een verder afbouw plaats met ruimte voor recreatiesport en andere zaken.
De eerder in deze reeks artikelen geïntroduceerde ‘standaard wedstrijdtraining’ leent zich uitstekend om gebruikt en ingevuld te worden op basis van de bovenstaande onderdelen; periodisering!
Het is wel heel moeilijk om een jaarplanning te maken, omdat er steeds meer belangrijke wedstrijden gedurende het gehele jaar zijn. Het is moeilijk vanwege de technische, fysieke en mentale aspecten. Daar komt nog bij, dat de individuele judoka haar/zijn eigen ambitie en doelen heeft (zie Topsportfase, die wordt gekenmerkt door individuele doelen). Echter, de standaardwedstrijdtraining geeft mogelijkheden om de individuele doelen van de judoka te verwerken in de trainingsonderdelen.
Ondanks dit alles is het noodzakelijk om een jaarplan te maken, voor een trainingsgroep en/of voor de individuele judoka.
De volgende onderdelen zijn ook van groot belang bij het samenstellen van een jaarplan:
Willem Visser
8th dan judo IJF
In een vorig artikel heb ik de verschillende fasen van ontwikkeling in judo genoemd.
Voor de Basisfase A en Basisfase B, de Uitbouwfase, de Aansluitingsfase en de Topsportfase zijn beweging technische karakteristieken genoemd alsmede kernpunten voor iedere fase.
Hieronder verschillende trainingsindelingen voor de verschillende fasen en ook de verklaring van de trainingsonderdelen.
Taiso + Ukemi bijvoorbeeld door spel 15 minuten
Sotai-renshu Nage-waza 15 minuten
Randori Nage-waza (3×3 min) 10 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
Randori Ne-waza 10 minuten
Taiso + Ukemi 15 minuten
Uchi-komi 1 10 minuten
Yaku-soku-geiko 5 minuten
Sotai-renshu Nage-waza 15 minuten
Randori Nage-waza (3×3 min) 10 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
Randori Ne-waza 10 minuten
Seiry Taiso 5 minuten
Taiso + Ukemi 15 minuten
Uchi-komi 1 10 minuten
Yaku-soku-geiko 5 minuten
Kakari-geiko 15 minuten
Sotai-renshu Nage-waza 15 minuten
Randori Nage-waza 10 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
Randori Ne-waza 10 minuten
Seiry Taiso 5 minuten

Taiso 10 minuten
Ukemi
Uchi-komi 1 10 minuten
Uchi-komi 2 15 minuten
Yaku-soku-geiko 5 minuten
Kakari-geiko 15 minuten
(op intervalbasis mogelijk)
Sotai-renshu Nage-waza 20 minuten
van een werptechniek
Randori Nage-waza 15 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
van een controletechniek
Randori Ne-waza 15 minuten
of 2 maal 7 ½ minuut
Seiry Taiso 5 minuten
Moku-so
– ideo-motorische en positiefsuggestieve training
Bovenstaande is een basis wedstrijdtraining. Bij specifieke behoefte kan uiteraard worden afgeweken.
De techniekkeuze voor beide Sotai-renshu dient op jaarbasis te worden vastgelegd aan de hand van:
Uit fysiologische, didactische of methodische overwegingen kan men een variatie maken op de standaard wedstrijdtraining, door het Ne-waza gedeelte naar voren te halen. De training komt er dan als volgt uit te zien:
Taiso (inclusiefs Ebi en Hiki-komi) 15 minuten
Sotai-renshu Ne-waza 10 minuten
Randori Ne-waza 10 minuten
Uchi-komi 1 10 minuten
Uchi-komi 2 15 minuten
Yaku-soku-geiko 5 minuten
Kakari-geiko 15 minuten
Sotai-renshu Nage-waza 20 minuten
Randori Nage-waza 10 minuten
Seiry Taiso 5 minuten
Mondo 2 minuten
Moku-so 3 minuten
Op bovenstaande indeling kan nog een variant gemaakt worden door de Uchi-komi 2 na de Randori Nage-waza te plaatsen, wat naast fysiologische effecten ook mentale effecten heeft.
De oefenstof (inhoud) kan in deze lesindelingen (vorm) gegoten worden, waarmee dus vorm en inhoud wordt gegeven aan een jaarplan en zelfs meerjarenplan.
Vorm en inhoud vormen tezamen een structuur. Op deze wijze werkt men dus gestructureerd naar een doel.
Met……niveau bepaling aan het einde van een fase.
Verantwoording en uitleg van de verschillende trainingsonderdelen
De fysiologische waarde van een warming-up zijn voldoende aangetoond en behoeven hier niet te worden behandeld. In de warming-up onderscheiden we drie onderdelen:

Valoefening is altijd in een training opgenomen. Het is van zowel technische als wel van psychisch/mentale waarde. Het Zempo Kaiten (rollen) heeft ook zeer coördinatieve waarden; Nl. bij het rollen behoort men de lichaamsledematen zo gunstig mogelijk te groeperen rondom het zwaartepunt.
Het vallen is de ziel van het judo.
We onderscheiden globaal twee Uchi-komi momenten in een training:
E.e.a. wordt geperiodiseerd, d.w.z. ingedeeld in de week en dus verdeeld over 6 trainingseenheden en afgestemd op de periode in het seizoen en soms bijvoorbeeld bij trainingsachterstand, individueel aangepast.
Balans verstoren en inkomen maken in twee pasritme voor worpen in voorwaartse richting en achterwaartse richting. In voorwaartse richting onderscheiden we dan ook nog Koshi-waza en Te-waza en in achterwaartse richting onderscheiden we O-uchi-gari, Ko-uchi-gari en O-soto-gari.
Bewegingsverloop:
Doel en plaats:
Bewegingsverloop:
Doel en plaats:
Bewegingsverloop:
Doel en plaats:
Bewegingsverloop:
Doel en plaats:
Men leert met deze Uchi-komi tevens onmiddellijk te antwoorden op een techniek van de opponent.
Bewegingsverloop:
Doel en plaats:
Bewegingsverloop:
(Voorbereiding, Kuzushi, Tsukuri)
Bijvoorbeeld 5 maal rechts en 5 maal links:
Doel en plaats:
Bewegingsverloop:
Voortdurend achter elkaar:
Doel en plaats:
Op de beurt werpen; vrije techniekkeuze. De judoka kiezen veelal hun Tokui-waza (specialiteit) in verschillende bewegingsrichtingen en/of hun specifieke voorbereiding of met gevarieerde Kumi-kata.
Tori valt aan, 5 maal 1 minuut en Uke ontwijkt 5 maal 1 minuut. Om de minuut wordt van functie gewisseld en om de twee minuten wordt van partner gewisseld.
In de rust wordt de kleding geordend en de polsslag gecontroleerd.
Men dient onderscheid te maken in ontwijken en verdedigen:
Zonder blokkeringen, los in de armen, geen overname techniek, spelen met het zwaartepunt.
Ontwijken en blokkeren, wel overname en techniek.
In de Kakari-geiko wordt de eigen bewegingsgevormdheid ontwikkeld. Er wordt veel gebruik gemaakt van Tokui-waza en verbindingen. Ook worden technieken, die in de vorige trainingen beoefend zijn, uitgeprobeerd c.q. eigen gemaakt.
Kakari-geiko is een zeer belangrijk trainingsonderdeel, vooral omdat het een zeer specifieke bewegingsgevormdheid geeft.
Sotai-renshu Nage-waza
In dit oefengedeelte worden gedurende 20 minuten in een langzaam tempo, maar uiterst nauwkeurig, nieuwe bewegingen aangeleerd, eventueel verbeterd. Ook vele speciale Kumi-kata met bijbehorende werptechniek worden aangeleerd en verbeterd. Ieder oefent dezelfde beweging, ook al is het een techniek, die men zelf niet zal maken in Shiai. Bovenstaande beoefent men links en rechts. Dit wordt door velen als tijdsverlies gezien. Dit is echter een grote misvatting. Immers; de bewegingsgevormdheid wordt vergroot, men krijgt inzicht in de beweging, waardoor het gemakkelijker wordt te anticiperen op de aanval van de tegenstrever. Als men bijvoorbeeld verschillende malen in Shiai geworpen is met Yoko-tomoe-nage, dan verdient het aanbeveling Yoko-tomoe-nage te bestuderen, dus beoefenen.
Randori Nage-waza
Hierin wordt Tokui-waza, verbindingen en overnames en aangeleerde techniek in Sotai-renshu, zeer offensief in spel beoefend. De kamp om de Kumi-kata speelt een rol, maar zeker geen hoofdrol. Hieraan wordt in sommige trainingen apart aandacht besteed.
Maki-komi-waza is in training verboden, daar dit techniekontwikkeling remt, zelfs terugdringt.
Sotai-renshu Ne-waza
Zie Sotai-renshu Nage-waza. De oefentijd van nieuwe techniek is korter dan bij Nage-waza, daar het trainen van het oment van minder belang is (let wel, van minder beland, dus niet van geen belang).
Randori Ne-waza
De eigen voorkeurstechnieken en de eventueel nieuw aangeleerde technieken worden in spel getraind.
Accenten:
Seiry Taiso
Lichte Uchi-komi om de bekende fysiologische redenen, maar ook omdat de techniek wordt geschoold, als technische oefeningen nog worden verricht in omstandigheden van vermoeidheid.
Uiteraard wordt voor langzame uitvoeringswijze gekozen. Het stretchen wordt per spiergroep langer aangehouden, daar de spier nu veel warmer is als aan het begin van de training.
Mondo
Technische, tactische of organisatorische aanwijzingen.
Moku-so
Gedurende 2 á 3 minuten zitten de judoka in Seiza, met de opdracht in stilte de training door te nemen, vooral het nieuwe aangeleerde (ideo-motorische). Ook een stuk positief-suggestieve training is vertegenwoordigd. Niet “tobben” over wat fout ging, maar “zich verheugend” denken over wat goed ding. (Judoka kunnen in dit verband ook geadviseerd worden, om voor het slapen gaan, enige minuten zo bezig te zijn met Tokui-waza of met techniek, die men moet of wil eigen maken).

Verhouding Nage-waza — Ne-waza, gezien in trainingstijd
Nage-waza Ne-waza
Basisfase A 50% 50%
Basisfase B 55% 45%
Uitbouwfase 60% 40%
Aansluitingsfase 65% 35%
Topsportfase 65% 35%
Fysiologische belasting Mentale belasting
Taiso 1 tot 3 1
Ukemi 1 2
Uchi-komi 1 2 tot 3 2
Uchi-komi 2 3 tot 4 2
Yaku-soku-geiko 2 3
Kakari-geiko 3 tot 4 4
Sotai-renshu Nage-waza 2 tot 3 4
Randori Nage-waza 4 3 tot 4
Sotai-renshu Ne-waza 2 4
Randori Ne-waza 4 3 tot 4
Seiry Taiso 2 tot 1 2
Mondo — 2
Moku-so 1 3
Dit is een globale analyse. Strikt genomen laat belasting zich niet scheiden, wel kan worden onderscheiden.
Getracht dient te worden om een wat golvende belasting-curve te krijgen.
(Waardering tabel: 1 = zeer laag, 2 = laag, 3 = hoog, 4 = zeer hoog)
Juni 2019
Willem Visser
8e dan judo IJF
Het is voor judo-onderwijs en judotraining van groot belang om te weten wat er onderwezen en getraind kan worden in de verschillende leeftijdsfasen.
In dit artikel geef ik beknopt en globaal een aantal principes voor judo-onderwijs en judotraining aan, die behoren bij de verschillende leeftijdstijdsfasen.
Er zijn vier fasen te onderscheiden:
14 tot 17 jaar
18 tot 20 jaar
vanaf 20 jaar.
De basisfase a (8-11 jaar) wordt gekenmerkt door een aantal aspecten:
Meisjes en jongens kunnen in deze fase nog competitie met elkaar maken.

De basisfase b (11-14 jaar) wordt gekenmerkt door:
Samenvatting:

De uitbouwfase (14-17 jaar) wordt gekenmerkt door:
Alle reeds eerder genoemde componenten komen in deze fase terug en er worden een aantal andere onderdelen toegevoegd.

De aansluitingsfase (18-20 jaar) wordt gekenmerkt door:

De topsportfase wordt gekenmerkt door:

April 2019
Willem Visser
Actiefoto’s: Harrie van den Hurk

Judo is steeds volop in ontwikkeling en enige tijd dreigde judo te verworden tot worstelen in een wit en blauw pak.
Kracht en uithoudingsvermogen, de hulpmiddelen, waren geruime tijd belangrijker dan de essentie van judo, techniek. De specifieke stijl van judo werd hierdoor aangetast.
Gelukkig heeft de Internationale Judo Federatie, met de heren Vizer, Uemura, Barta en Snijders, het gevaar op tijd onderkend en de IJF heeft, hoofdzakelijk door het verbeteren van het wedstrijdreglement, judo weer op het juiste spoor van het ontwikkelingspad gebracht.
(Het is voor het Nederlandse judo strikt noodzakelijk om ook dat spoor te volgen en dus mag kracht en uithoudingsvermogen de essentie van judo, techniek, niet langer overschaduwen! Ja, als trainer en coach is het gemakkelijk om bezig te zijn met het vergroten van kracht en uithoudingsvermogen; het is echter vele malen moeilijker om techniek en de vaardigheid in randori te ontwikkelen en wedstrijden te begeleiden.)
Door de nieuwe reglementen voor wedstrijden (min of meer terug naar de jaren 60 van de vorige eeuw) is de essentie van judo, techniek, weer het belangrijkste facet in judo geworden.

Hazumi en Ikioi
Twee begrippen waarmee men de het judo kan verklaren zijn Hazumi en Ikioi.
Om het hoogste te behalen moeten Hazumi en Ikioi in de juiste verhouding in harmonie worden gebracht.
Wat is nu Ikioi en wat is Hazumi?
Ikioi is een hulpmiddel, dat onontbeerlijk is en dat in bepaalde mate aanwezig moet zijn; het mag echter nooit boven Hazumi uitstijgen.
Hazumi is het vermogen om massa en snelheid samen te schikken, te coördineren. Dit vereist bewegingsgevormdheid, die alleen maar kan ontstaan als men informatie kan opnemen en kan verwerken. Informatie over wat men moet doen en hoe men het moet doen, afhankelijk van de plaats (de omstandigheden) en het tijdsbestek (de snelheid) waarin men het moet doen.
Wil men slagen dan zal men altijd de vorm moeten achten; misvorming kost tijd en gaat ten koste van de snelheid.

Om juist om te gaan met massa en snelheid moet men gevormd zijn en gevormd zijn betekent: stijl!
Hazumi is ook het vermogen om massa en snelheid samen te schikken. Dit vermogen wordt bepaald door spirit: dwz kalmte, alertheid, vol energie, compleet bewust en juist reagerend. Armen en benen ontspannen, de kern hard, je blik gericht op de kin van de tegenstrever.
De som van al deze onderdelen kan men actieve gelatenheid noemen.
Ikioi is de stuwkracht: de kracht die het lichaam zwaar, hard en gespannen maakt. De ledematen worden aangespannen, de tegenstrever moet worden weerstaan.
Ikioi moet hulpmiddel zijn.
Als Ikioi gaat heersen over Hazumi dan verdringt het de vrijheid en….zonder vrijheid is men ver verwijderd van de vooruitgang.
Met dank aan professor Jigoro Kano.
April 2019,
Willem Visser
© Willem Visser Coaching B.V.


Uitgebreide fotoreportage Nederlands Kampioenschap Judo -15 2019. Klik HIER





We gebruiken onder andere analytische cookies om ons websiteverkeer geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen.
Meer informatie over de verwerkte gegevens kunt u lezen in onze privacystatement.
[X] Ik ga akkoord met bovengenoemde privacy verklaring