Fotoverslag Belgian Open 2017 Vise (zaterdag)

Klik HIER voor een fotoverslag van de Belgian Open 2017 Vise (zaterdag)

Door vechtsport meedoen in de maatschappij
Bron: https://www.allesoversport.nl

Door: Kenniscentrum Sport
Bron: www.allesoversport.nl
Vechtsport is populair onder jongeren, met name jongeren die opgroeien in krachtwijken waar het inkomen laag is en de overlast hoog. Deze jongeren vechten letterlijk en figuurlijk met hun idealen en omgeving. Zoals jullie weten is het imago van vechtsport niet altijd goed, maar juist voor deze vechtende jongeren kan vechtsport heel belangrijk zijn om toekomstperspectief te bieden.
Kenniscentrum Sport is in samenwerking met hogescholen en universiteiten en vechtsportclubs bezig met een project over de waarde van vechtsport voor jongeren. Op verschillende vechtsportclubs in Nederland onderzoeken studenten hoe de interactie tussen de trainer en de jongeren invloed heeft op hun ontwikkeling. Welke aspecten binnen de vechtsportclub dragen bij aan een positieve ontwikkeling van jongeren die bijvoorbeeld uit een gebroken gezin komen, leven in armoede of niet in Nederland zijn opgegroeid?
Wat het antwoord ook precies is, het is duidelijk dat passie een grote rol speelt: passie voor vechtende jongeren. Lees in dit artikel hoe trainers deze passie overbrengen en zorgen dat jongeren mee (gaan) doen in de maatschappij.

Waar judo en kunst elkaar ontmoeten

Koen Vermeule en Bertie Wetzer met op de achtergrond het portret van Jan Wetzer
Koen Vermeule maakt schilderij van Jan Wetzer (†)
Waar judo en kunst elkaar ontmoeten
Helmond/Amsterdam,- Koen Vermeule is niet alleen een fervent judoka. De Amsterdammer is ook een vermaard kunstenaar. Koen Vermeule is een van Nederlands beste judoka’s als het om kata (stijl) gaat. Hij maakt onderdeel uit van de Nederlandse selectie en is deelnemer aan Europese en Wereldkampioenschappen.

Koen Vermeule (L) en zijn trainingspartner Ruud van Zwieten demonstraren het Judo No Kata; een stijloefeing in het judo
Koen Vermeule
Weidse en lege landschappen met zware luchten schildert Koen Vermeule graag, al dan niet in de traditionele zin van het woord. Tevens schildert de kunstschilder, geboren in 1965 te Goes, stadsgezichten, waarin ingezoomd is op kleine, geconcentreerde scènes met mensen die in hun handelingen en bewegingen stilgezet lijken te zijn. De alledaagse, vluchtige werkelijkheid wordt dus voor een moment vastgezet.
Na de TeHaTex in Tilburg, waar hij van 1983 tot 1988 studeerde, besloot Vermeule in 1990 een opleiding aan de Rijksacademie van beeldende kunsten in Amsterdam te volgen. Toen hij in 1992 afgestudeerd was, debuteerde hij succesvol bij de befaamde galerie Art & Project in Amsterdam. Vele musea en galeries volgden.
Al sinds zijn zevende beoefent Vermeule judo. Deze sport fascineert hem nog steeds. Zo heeft hij een judokabinet binnen een tentoonstelling geheel gewijd aan deze passie. Naar Yves Klein, die ook een grote fascinatie voor judo had, gaat speciale aandacht uit. “Voor Klein betekende judo ‘het geestelijke ontdekken via het lichamelijke’. In mijn werk komt judo op een meer letterlijke manier terug. Ik isoleer houdingen uit het judo en plaats deze in een nieuwe context van een schilderij. Hierdoor krijgen houdingen een nieuwe betekenis, los van het judo”, aldus Vermeule. In het judokabinet zijn tevens twee werken van Klein opgenomen.
Bij onder meer het Singer Museum in Laren, het Rijksmuseum Twenthe te Enschede, het Gemeentemuseum Den Haag, het Fries Museum in Leeuwarden en het Stedelijk Museum te Amsterdam heeft Vermeule zijn werk tentoongesteld. Zijn kunst is opgenomen in de collecties van bedrijven, instellingen en musea, waaronder de Stadsgalerij Heerlen, het Stedelijk Museum Schiedam en het Fries Museum in Leeuwarden. Voor zijn oeuvre heeft de kunstenaar de Charlotte Köhler Prijs in 1994 gewonnen. In 2013 werd bekend dat hij één van de twaalf geselecteerde beeldend kunstenaars was die een schetsontwerp mocht maken voor een staatsieportret van koning Willem-Alexander.
Ook het Gemeentemuseum in Helmond heeft een ‘Koen Vermeule’ in zijn collectie.

Rechts het portret van Jan Wetzer. Links een typische ‘Vermeule’.
Helmond
Koen Vermeule heeft nog een connectie met Helmond. Peter Wetzer van het Helmondse bedrijf Nihon Sport Nederland, een groothandel in o.a. vechtsportkleding, sponsort Koen Vermeule en zijn judopartner Ruud van Zwieten. “Ruud en Koen zijn bijzonder gepassioneerde judoka’s en we hadden daardoor al snel een ‘klik’.” zegt Peter Wetzer “Aanvankelijk wist ik niet dat Koen ook zo’n beroemd kunstenaar is. Ruud van Zwieten vertelde het me en op internet kwam ik de mooiste schilderijen van hem tegen. Erg indrukwekkend! Ik heb ontzettend veel bewondering voor Koen zijn schilderkunst. Wat een creativiteit!”
Zomer 2016 trok Peter Wetzer de stoute schoenen aan en vroeg of Koen een schilderij voor hem wilde maken. “Ik 2013 is onze zoon Jan overleden; iets wat ons leven enorm beïnvloed heeft. Je bent er dagelijks mee bezig.” Jan was tevens mijn compagnon in Nihon Sport en ik mis hem iedere dag. Ik wist zeker dat mijn vrouw een mooi schilderij van Jan erg zou waarderen.” “Koen is niet direct een portrettenschilder en zijn agenda was overvol. We moesten dus geduld hebben”

Bertie Wetzer en Koen Vermeule

Schilderij
Afgelopen week was het dan zover. Koen vroeg of Peter en Bertie Wetzer naar zijn atelier in de Utrechtsedwarstraat wilden komen. “Koen had al een foto gestuurd terwijl hij met het schilderij bezig was en daar was ik al enorm van onder de indruk” zegt Bertie Wetzer “Toen ik echter zijn atelier binnen kwam hing het schilderij van Jan al aan de muur.” “Ik werd er erg emotioneel van; wat een mooi schilderij! Koen heeft Jan zo ontzettend mooi geschilderd. Jan was een enorm lieve, zorgzame en warme zoon. Dit schilderij geeft je direct dat gevoel”. “We waren amper bijgekomen van de eerste indrukken van het portret toen Koen ons verraste met een tweede schilderij van Jan en zijn dochtertje Fleur” zegt Bertie “Wat een ontzettend mooie verrassing!”

Koen Vermeule verraste Peter en Bertie Wetzer met een schitterend extra schilderij met daarop hun zoon Jan en zijn dochtertje Fleur
Video met Koen Vermeule en Ruud van Zwieten met een impressie van het kata judo
Nihon Sport helpt jeugdteam Essink naar toernooi in Fukuoka

Willen jullie met een team naar Japan? ”
Dat was de vraag die ik kreeg van Peter Wetzer. In 2012 mocht ik de reis maken met een meidenteam.
Een levenservaring voor deze leeftijd! Een toernooi wat bekend staat om ontmoeten, respect, sport, cultuur en ervaring!
In mijn tijd als coach voor Essink mocht ik in 2007 ook gaan. Deze stage is niet te vergelijken met deze stage.
Sanix verzorgd, verbind en bouwt aan relaties en aan de sport. Hard trainen, maar ook tijd voor elkaar. Een zware mooie competitie met ECHT judo. Volle punten en mooie worpen. Een super ervaring, ook om te zien hoe men met elkaar omgaat. De organisatie zorgt ook voor sightseeing en een perfecte tolk die zorgt dat alles loopt.
Hoe organiseren we zoiets? Na de uitnodiging maken we als technische commissie een selectie. Zodra we deze hebben lichtten we de ouders in. Na goedkeuring van de ouders lichtten we de judoka’s pas in. De rest van de organisatie ligt in handen van de ouders. Ervaringsdeskundigen sturen hen bij in het regelen. Door het samen te doen is de betrokkenheid erg groot!
Wil je weten hoe wij het hebben beleeft? Kijk op de Facebookpagina van Essink judoteam! Indien je interesse hebt vraag Peter naar de mogelijkheden!
Namens Essink,
Thijs Linsen
Hoofdtrainer wedstrijdjudo

Verslagje door een van de deelnemers:
Wij als team begonnen op het vliegveld in Düsseldorf, waar we vanuit daar een 8 uur vlucht hadden richting Bejing, toen we daar aankwamen hadden we de vlucht gemist, omdat we van de ene rij naar de andere rij werden geplaatst.
Gelukkig werd er geregeld dat we een nacht daar konden overnachten in een hotel. De dag daarop werd geregeld dat we naar de Chinese muur konden gaan.
Na de nacht slapen snel naar het vliegveld en dit keer wel in een keer in de goede rij geplaatst.
Een vlucht richting Fukuoka later kwamen we eindelijk aan op het vliegveld van Fukuoka. Daar gingen we met de bus naar de Global Arena.
Gelijk die avond nog even een training gedraait en daarna naar de slaapvertrekken.
De tweede dag stond er een training gepland van 09.00 uur tot 17.00 uur. Na deze trainingsdag hadden we nog meer trainingsdagen, een daarvan werd er training gegeven door de wereld kampioen van 2010.
Die dag daarop hadden wij het toernooi, waarbij wij de eerste wedstrijd wonnen, de volgende wedstrijd verloren wij daarentegen. Wij gingen daardoor naar de up en down zaal waar je steeds een wedstrijd doet, als je deze wint ging je een mat omhoog als je verloor ging je omlaag. Na deze dag hadden we een dag met heel veel team wedstrijden, 15 om precies te zijn. Zeker heel zwaar!
De dag daarop gingen we naar de binnenstad van Fukuoka om te shoppen. Toen we daarmee klaar waren gingen we voor de laatste keer bij de Global Arena slapen.
Even nog haasten op de laatste dag om de kamer schoon te krijgen en daarna snel naar het vliegveld om snel weer naar Nederland terug te gaan.






Fotoverslag “Kiloknaller” toernooi Kenamju

Klik HIER voor een uitgebreid fotoverslag van het “Kiloknaller’-toernooi 2017 van Kenamju

Gastblog Willem Visser: Centralisatie Judo Bond Nederland
Willem Visser (8e dan) was trainer/coach van het roemruchte Judo Ryu Nijmegen en was ook jarenlang bondscoach van de JBN. Gepassioneerd, analytisch, visionair en kritisch. Dat laatste zorgde er voor dat hij sinds 2003 feitenlijk “persona non grate’ was (of is) bij de JBN. Hij belande ondermeer op een zijspoor omdat hij de hoofdpresentatie had gedaan op het IJF congres in Osaka. De JBN vond dat hij eerst om toestemming had moeten vragen….. Onlangs kreeg hij, pas nadat hij voor de derde keer was voorgedragen sinds 2008, de 8e dan. Tijdens deze gelegenheid was zijn dankwoord ook kritisch.

13 Jaar (wan)beleid en daarna een paar jaar géén beleid heeft Nederland op de ongelukkige 13e plaats gebracht in de judo-medaillespiegel van Rio de Janeiro.
Tot overmaat van ramp gaf de voorzitter van de JBN, verantwoordelijk voor ‘geen beleid’ enige maanden voor de Olympische Spelen de ‘pijp aan Maarten’ zodat Maarten er ineens geheel alleen voorstond! (In 1996 maakte ik hetzelfde mee en dat betekende tenminste één medaille minder….)
Gelukkig behaalde Anika van Emden 63 kg een bronzen medaille in Rio de Janeiro.
Anika heeft al haar potentiële krachten optimaal tot ontwikkeling gebracht en dat resulteerde in die welverdiende bronzen Olympisch medaille; zij redde daarmee de eer van het Nederlandse judoteam, want….. het was de enige Nederlandse medaille.
Nederland eindigde dus op die ongelukkige 13e plaats in het medailleklassement.
Er zal geëvalueerd worden en dat is niet aan mij, maar dat mag zeker niet zijn aan de technisch directeur met hockeyachtergrond, die eerst bleef, toen weer weg zou gaan, uiteindelijk toch bleef om vervolgens, hopelijk voorgoed, weg te gaan en weg te blijven.
Waarmee, op wellicht ironische wijze, wordt aangegeven, dat een technisch directeur van de Judo Bond Nederland een judospecialist moet zijn.
Nederland is in oppervlakte een klein land, maar in judo was het een groot land en dat moet en kan het heel snel weer worden. (Nu gouden medailles voor kleine judolanden als Slovenië, Kosovo en Argentinië!)
Nederland is het verplicht aan zijn geschiedenis om bij de top vijf van de wereld te behoren op de Olympische Spelen Judo; de prestaties op de Olympische Spelen 2016 wijzen helaas duidelijk anders uit.
En wordt naar allerlei personen gewezen die verantwoordelijk zouden zijn voor de teloorgang van het Nederlandse judo.
Maar…er is maar een orgaan dat direct verantwoordelijk is: het bestuur van de JBN.
Dat bestuur zou ter verantwoording geroepen moeten worden.
‘Zou’, want helaas kan dat niet meer; het merendeel van het bestuur heeft het schip verlaten, nog voordat het echt in zwaar weer terecht was gekomen.
In Nederland zijn minstens 300 goed opgeleide trainers, leraren en coaches. Deze professionals zijn vaak ondergeschikt gemaakt aan, overigens goed willende en strikt noodzakelijke, vrijwilligers (tussen die vrijwilligers verschuilen zich overigens ook kwaadwillige vrijwilligers, die hun ego willen strelen of, nog erger, willen laten strelen), terwijl de professionals leidend moeten zijn in de JBN.
Het zou beter zijn als professionals de leiding hebben. (Professioneel = deskundig, integer, bereid en in staat om samen te werken.)
De bondsraad van de JBN kiest en benoemt het bestuur, maar er zijn slechts weinig professionals in de bondsraad vertegenwoordigd, waardoor er ook geen professioneel bestuur gekozen wordt. Het ontberen van deskundigheid leidt tot nivellering van het niveau, niet alleen in bestuurlijk opzicht, maar ook op judo technisch gebied.
De JBN kan, geïnspireerd en geleid door professionals, de eigen kracht herwinnen, de eigen identiteit hervinden en etaleren, dynamiek aanzwengelen, innovatie ontwikkelen en doorvoeren. Om dat alles te verwezenlijken is een grote mate van creativiteit nodig.
Inspirerend leiderschap is dus onontbeerlijk om de vijf genoemde componenten (weer) tot leven te brengen. En de leiding (het bestuur) zal dus moeten bestaan uit hoofdzakelijk judospecialisten, die niet besturen op afstand, maar die direct leiding geven aan het proces van herstel en uitbouw.

Momenteel staat centralisatie ter discussie en de oplossing van dit probleem is slechts één van de opdrachten voor het nieuwe bestuur van de JBN.
Er zijn nog tal van andere doelstellingen te noemen; ik noem er hier slechts een paar:
* Er zijn ruim 125.000 judobeoefenaren in NL en minder dan 40.000 zijn lid van de JBN. Hier ligt dus al een enorme taak, die niet kan worden opgelost zonder de optimale medewerking van de circa 300 trainers, leraren en coaches.
Een veel groter ledenaantal zal de eigen kracht vergroten.
* De JBN moet er in slagen om judo te promoten als pedagogisch spel, waardoor het aantal leden ook gigantisch kan stijgen.
Bijna niemand in NL weet, dat in 2015 de UNESCO judo als de meest waardevolle sport voor jeugd van 4 tot 21 jaar heeft aangemerkt; dit kan op allerlei manieren uitgedragen worden.
De breedtesport is de basis voor de topsport en de uitspraak van de UNESCO kan in grote mate bepalend zijn voor de identiteit.
* Ondanks het feit dat de JBN een project heeft, genaamd ‘de club centraal’, krijgt de club geen ruimte om judoka langdurig en optimaal tot ontwikkeling te brengen.
De club behoort ook de eerste relatie met de judoka te hebben. Hierdoor blijven trainers, leraren en coaches gemotiveerd, terwijl de judoka die acteren in de nationale selecties de veiligheid en de warmte van de eigen club behouden, hetgeen ook in bepaalde perioden van de topsportcarrière van belang kan zijn.
Hier ligt ook een oplossing voor het probleem ‘centraliseren’:
Train vaak tezamen met judoka van het hoogste niveau; dat hoeft echter niet te betekenen dat judoka losgekoppeld moeten worden van persoonlijke coach en/of club.
‘De club centraal’, mits goed ingevuld en uitgevoerd, kan een enorme dynamiek genereren. Goed ingevuld en uitgevoerd betekent ook het behouden van competitie tussen clubs en judoka; competitie is sterk niveauverhogend!
(Judoka ‘uit de club halen’ verhoogt niet bepaald de onderlinge competitie.)
* Een technische commissie, bestaande uit ervaren specialisten, zal zorg moeten dragen voor innovatie. Die innovatie zal ook een voedingsbron zijn voor de bondscoaches, clubcoaches en opleiders.
* Behoudens de heer Jan Snijders speelt er niemand een rol van betekenis in de Europese Judo Unie of Internationale Judo Federatie. Het is dus wenselijk en zelfs noodzakelijk om JBN-judospecialisten in het bestuur of in de commissies van EJU en IJF te hebben, waardoor men mee kan werken aan, en ook direct op de hoogte is van, innovaties op allerlei gebied.
* Ter promotie van judo kan een groot internationaal EJU of IJF toernooi worden georganiseerd in Nederland.
Om bovenstaande en andere beleidsuitgangspunten uit te voeren, zal een grote mate van creativiteit aan de dag gelegd moeten worden en de JBN zal het geheel op eigen kracht moeten doen!
Er zijn nog veel meer doelstellingen te benoemen en ik wil de laatste die ik hier noem extra onder de aandacht brengen:
* De technische nivellering moet een halt worden toegeroepen en alle technische krachten, judospecialisten, zullen een sterke technische ontwikkeling mede moeten vormgeven.
De judotechniek is de essentie en allerlei vormen van kracht en uithoudingsvermogen zijn hulpmiddelen.
In het huidige Nederlandse judo overschaduwen de hulpmiddelen (kracht en uithoudingsvermogen) de essentie en nu zodanig, dat het een duidelijke, negatieve, weerslag heeft op het resultaat.
De juiste verhouding tussen techniektraining enerzijds en training van kracht en uithoudingsvermogen anderzijds zal (terug)gevonden moeten worden.
De huidige Nederlandse topjudoka heeft over het algemeen geen gebrek aan kracht en uithoudingsvermogen, maar het gebruik van techniek is bepaald niet optimaal te noemen.
Een grote mate van creativiteit zal nodig zijn om op het juiste moment de juiste techniek te gebruiken; judo zonder creativiteit levert geen aansprekende resultaten.
Een van de kernwaarden van een judoka is onafhankelijkheid; de JBN zal dus ook onafhankelijk moeten zijn!
Samenwerken met NOC is goed en aan te raden. Echter, vanwege financiële aspecten het beleid laten bepalen door het, uit voornamelijk hockeyers bestaande, NOC is uit den boze.
Gezamenlijk centraal trainen (op Papendal) is noodzakelijk, omdat de JBN dat noodzakelijk vindt, maar niet omdat het NOC dat gebiedt.
Tot slot.
De JBN gaat een mooie tijd tegemoet; er is veel te ontwikkelen en er is héél veel te veranderen!
Het nieuwe professionele bestuur zal eigen kracht, eigen identiteit, dynamiek, innovatie en creativiteit als principes kunnen hebben.
Vat moed bestuur, vat moed!
Willem Visser
(Willem Visser is raadgever en docent aan de NIFSA, Universiteit van Kanoya, Japan.)
www.willemvissercoaching.eu

Uitnodiging: Nihon Sport Masterclass Social Media
Nihon Sport Masterclass Social Media
In 2017 start Nihon Sport Nederland met een nieuw initiatief; de Nihon Sport Masterclasses waarmee we onze ‘Personal, Passion & Perfection” verder waar willen maken. Op gezette tijden organiseren we bijeenkomsten. Soms theoretisch en soms praktisch.
Vrijwel iedereen heeft er tegenwoordig mee te maken; de social media.
Wat is dat eigenlijk:
“Social media is een verzamelnaam voor alle internet-toepassingen waarmee het mogelijk is om informatie met elkaar te delen op een gebruiksvriendelijke en vaak leuke wijze. Het betreft niet alleen informatie in de vorm van tekst (nieuws, artikelen). Ook geluid (podcasts, muziek) en beeld (fotografie, video) worden gedeeld via social media websites. Met andere woorden, social media staat voor ‘Media die je laten socialiseren met de omgeving waarin je je bevindt’.”
U als vereniging, sportschool, bedrijf, leraar of (top)sporter kunt op verschillende manieren gebruik maken van de diverse social media.
Communiceren met uw leden, crowdfunding, verkoop genereren, nieuws delen enzovoorts.
De mogelijkheden zijn legio! Gebruikt u ze optimaal?
De specialisten van #Communiteers hebben voor u een presentatie voorbereid en wij nodigen u hiervoor van harte uit.

De onderwerpen die o.a. aan bod gaan komen:
- Inleiding met uitleg over community marketing en het digitaal flirten.
- Kansen en gevaren die bij social media komen kijken
- Handige en praktische tips & tricks om social media voor je te laten werken.
- Crowdfunding. Help sporters naar de top.
- Afsluiting met een vragenrode om de interactiviteit te stimuleren

Als Helmonds bedrijf zijn we trots op Helmond en willen we u graag uitnodigen deze bijeenkomst bij te wonen in de Cacaofabriek; een unieke locatie die inspireert, ontspant en motiveert? Een voormalig industrieel pand, hoog, veel glas & licht met gigantisch veel mogelijkheden dat een nieuw leven heeft gekregen als cultureel centrum.
Wanneer: Zaterdag 21 januari 2017
Hoe laat: Van 14.30 – 16.30 uur
Adres: De Cacaofabriek
Cacaokade 1
5705 LA Helmond

De ruimte is beperkt en u dient zich vooraf aan te melden via: contact@nihonsport.nl
Deelname is volledig GRATIS en voor alle deelnemers hebben we nog een leuke verrassing.

Presentator: Bas Schepers
Bloemkooloor door sport: tips & behandeling
Bron: https://idealbody.nl
Wat is een bloemkooloor?

Een bloemkooloor is een oorschelp die misvormd is als gevolg van een beschadiging van het kraakbeen van je oorschelp. Het oor neemt na de beschadiging de vorm van een bloemkoolroosje aan, vandaar de naam.
Wie een klap, stoot of schop tegen zijn oor krijgt, loopt het risico op een bloeding tussen het kraakbeen en het kraakbeenvlies (perichondrium). Dit vliesje ligt over het kraakbeen heen en zorgt voor de zuurstoftoevoer naar het kraakbeen. Het gevolg van zo’n klap of stoot en bloeding? Onvoldoende toevoer van zuurstof naar het kraakbeen. Wanneer dit niet snel genoeg behandeld wordt, dan kan er op diverse plekken in het oor – door een onregelmatige genezing – een vervorming van het kraakbeen optreden. Er is dan sprake van een bloemkooloor.
Bloemkooloor door piercing
Een sport als rugby, worstelen of boksen hoeft niet altijd de oorzaak van een bloemkooloor te zijn. Vervorming van het kraakbeen in het oor kan ook optreden bij mensen die in het bovenste deel van het oor een piercing hebben laten zetten. In tegenstelling tot oorbellen, die geschoten worden in de oorlellen, gaat deze piercing door het kraakbeen heen. Hierbij kan een bloeduitstorting ontstaan die kan resulteren in een bloemkooloor.
Merk je dat je piercing gaat ontsteken of constateer je een zwelling? Haal de oorbel er zo snel mogelijk uit en raadpleeg de huisarts.
Bloemkooloor herkennen
Wie een klap heeft gehad op zijn oor en pijn ervaart, hoeft niet direct een bloemkooloor te hebben. Een bloemkooloor kan ontstaan na een verwonding van de oorschelp, maar niet elke verwonding heeft een bloemkooloor tot gevolg. Vooral als het oor paars of donkerrood kleurt en opzwelt dan is er een relatief grote kans dat dit oor zich zal ontwikkelen tot een bloemkooloor.
Vaak is het oor dik en doet veel pijn, vooral wanneer je er aan zit. Dit komt door de druk die er op het kraakbeenvlies staat ten gevolge van de opeenhoping van bloed, de bloedprop. Het beste is om het oor direct te koelen met ijsblokjes of een speciale ice pack. Bezoek daarna te allen tijde een arts, hij of zij kan je verder helpen en adviseren.
Ben je bang dat je een bloemkooloor hebt opgelopen? De combinatie van deze symptomen wijst mogelijk op de vorming van een bloemkooloor:
- Directe pijn aan de oorschelp.
- Warme oren.
- Verdikking in de oren.
- Zwellingen.
- Een blauwe, paarse of donkerrode oorschelp.
Behandeling van een bloeding aan het oor
Is het oor nog niet misvormd maar is er wel sprake van een bloeding? Ga dan zo snel mogelijk naar een gespecialiseerd arts.
Wanneer de bloeding onder het kraakbeenvlies zit, is het noodzakelijk dat de bloedprop zo snel mogelijk wordt verwijderd, het liefst binnen 24 uur. Een arts doet dit door een kleine snede in de huid te maken en het bloed uit de huid te drukken of te zuigen. Let erop dat dit hygiënisch en steriel gebeurt. De kans op een infectie is anders groot.
Is het oor al wel vervormd? Dan kan een KNO-arts hier helaas niets aan doen. De vervorming kan dan vaak wel door een (gespecialiseerde) plastisch chirurg deels hersteld worden.
Voorkomen van een bloemkooloor
Een bloemkooloor is te voorkomen door tijdens het sporten hoofdbescherming te dragen. Een helm of oorbeschermers vangen klappen op en sparen zo je oren.
Bloemkooloor genezen: kan dat?
Wanneer de bloedprop verwijderd is en je geen pijn meer ervaart, is het gevaar op een bloemkooloor geweken.
Ben je echter niet op tijd met het verwijderen van de bloedprop, of verloopt de ingreep niet goed, dan kan je een bloemkooloor krijgen. Het oor ziet er dan vaak niet al te fraai uit. De mate van een bloemkooloor is echter heel verschillend: een bloemkooloor kan vrij onopvallend zijn, maar er zijn ook gevallen van een bloemkooloor waarbij het oor bijna onherkenbaar vervormd is.
De enige optie om bloemkooloor te verhelpen, is plastische chirurgie. Een plastisch chirurg kan het vervormde oor reconstrueren en het oor in haar normale staat terugbrengen. Helemaal als voorheen zal je oor niet meer worden, maar de bloemkoolvorm kan wél worden aangepast naar een normalere vorm.
Het verbeteren van het uiterlijk van een bloemkooloor is een ingewikkelde ingreep. Het is daarom belangrijk om een arts te vinden die gespecialiseerd is in het uitvoeren van dit type operatie. Vaak zijn dat plastisch chirurgen of KNO-artsen die zich bekwaamd hebben in de aangezichtschirurgie.
Vind HIER de Matman oorbeschermer.
De extreme afvalmethodes van Nederlandse judoka’s
Bron: http://www.vicesports.nl
Nog geen 48 uur nadat de Japanse judoka Masashi Ebinuma op de Olympische weging was ingewogen op 66 kilo, verscheen er een foto op Instagram waarop hij opnieuw op de weegschaal stond. Zijn gewicht op dat moment: bijna 78 kilo. Het zou natuurlijk aan de schaal kunnen liggen, maar het is waarschijnlijker dat de judolegende en winnaar van Olympisch brons in Rio in twee dagen tijd gewoon twaalf kilo was aangekomen. Omdat judoka’s op de weging geen gram boven het maximaal toegestane gewicht in hun klasse mogen wegen en ze vaak kiezen voor een zo licht mogelijke klasse, is afvallen (en weer aankomen) even onlosmakelijk met judo verbonden als bloemkooloren en gekneusde vingers.
Ook onder Nederlandse judoka’s is afvallen eerder regel dan uitzondering. Oud-judoka en sportarts Jessica Gal publiceerde samen met psycholoog Karin de Bruin een onderzoek naar ‘gewicht maken’ in het judo. Van de 400 deelnemers zei zo’n tachtig procent wel eens af te vallen voor wedstrijden. “Afvallen zit echt in de cultuur van het judo,” vertelt Gal aan VICE Sports. “Iedereen die met judo te maken heeft, heeft te maken met afvallen.”
Veel judoka’s kiezen voor een lichtere klasse omdat ze geloven meer kans te maken op succes, denkt Gal: “Als judoka’s eenmaal iets hebben gepresteerd, koppelen ze die prestaties heel erg aan hun gewicht. Ze zijn bang om over te stappen naar een volgende klasse, omdat het onzeker is of ze daar ook zullen presteren.”
“Afvallen geeft status,” legt Gal uit. “Het wordt geassocieerd met leven voor je sport, er alles voor over hebben. Dat het moeilijk en ongezond zou zijn, is een soort taboe. Er wordt vaak gezegd: zie maar hoe je het doet, als je maar op gewicht bent.”
Judoka’s zetten soms extreme middelen in om hun doel te bereiken. Een klein deel van de deelnemers zei laxeer-, dieet-, of plaspillen te gebruiken, en anderen gaven toe zichzelf te dwingen om over te geven. Maar in korte tijd zoveel afvallen kan gevaarlijk zijn. Zo kreeg een Koreaanse topjudoka die een crashdieet volgde ooit een hartstilstand in de sauna. Zijn dood hield volgens zijn omgeving duidelijk verband met het afvallen.
Extreem afvallen kan volgens Gal tot een hele hoop problemen leiden: acute en chronische blessures, depressies, psychische klachten, menstruatieklachten en eetproblemen. Zelf heeft ze een eetstoornis gehad die getriggerd werd door het afvallen: tijdens haar carrière kampte de viervoudig Europees kampioene met boulimia. Toen ze stopte met judo, stopte ze ook met het ‘obsessieve bezig zijn met eten’. Ze vindt daarom dat afvallen moet worden afgeraden en dat judoka’s gestimuleerd moeten worden om eerder over te stappen naar een hoger gewicht.
Ook Ruben Houkes was tijdens zijn carrière bijna obsessief bezig met zijn gewicht. Als oud-wereldkampioen in het lichtste gewicht (-60kg, 2007) is hij waarschijnlijk de bekendste afvaller in het Nederlandse judo. Het verhaal gaat dat hij in de dagen voor wedstrijden leefde op één kiwi per dag. We vroegen hem naar zijn aanpak en ervaringen met afvallen.

Ruben Houkes. (Foto door Buf Valmont)
VICE Sports: Hey Ruben, wanneer ben jij begonnen met afvallen en waarom?
Ruben Houkes: Ik weet nog dat ik als jonge jongen midden in de zomer met een vuilniszak onder mijn kleding en een muts op door Schagen liep. Ik deed toen geloof ik mee aan het NK onder de 18. Waarschijnlijk had ik mijn clubgenoten dat ook zien doen. Afvallen was binnen mijn club heel normaal, maar mijn ouders zullen wel raar hebben opgekeken.
Later, toen ik bij de senioren judode, praatte ik veel met Cor van der Geest. Ik zat altijd tot 60 kilo, maar werd op een gegeven moment zwaarder. Ik had natuurlijk kunnen overstappen naar een andere klasse, maar Cor had het altijd over een lang Frans lichtgewicht uit zijn tijd, die niet aan te pakken was door al die kleine, geblokte gasten, omdat hij gewoon zijn armen ertussen hield. Omdat ik ook vrij lang en pezig was voor een zestiger, was dat zijn ideaalplaatje. Als lang lichtgewicht zou ik echt iets unieks hebben, en daarom heb ik ervoor gekozen om tot 60 te blijven. Voor altijd.
Hoeveel moest je dan afvallen?
In het begin viel het wel mee, het begon met twee kilo. Dat heb je er zo af. Sowieso val je ’s avonds als je in bed ligt al een paar ons af. Als je even naar de wc gaat val je af, en als je een paar dagen wat minder eet, val je ook af. Dan heb je het op maaginhoud al gewonnen. Dan weet je ook dat je het haalt als je drie rondjes in de sauna gaat zitten en niet meer drinkt. Dat is een simpel mechanisme.
Maar later werd het meer?
Ja, ik werd sterker, krachttraining werd steeds belangrijker, en ik werd gewoon ouder. Toen liep het op tot vijf, zes kilo. Als je 65 kilo weegt, is het gewoon ellendig om vijf kilo van je lijf af te halen. Dat is bijna 10 procent van je lichaamsgewicht. Ik had al een extreem laag vetpercentage, tussen de 5 en 7 procent. Ik was vel over been en kon aan mijn huidplooien op 200 gram nauwkeurig bepalen hoe zwaar ik was. Dat is lang mijn manier van leven geweest. Ik zat niet op judo maar op afvallen.
Hoe raakte je zo veel kilo’s kwijt?
Het principe van afvallen is niet moeilijk. Je moet meer verbranden dan dat je tot je neemt. Ik trok er voor het begin van het seizoen altijd anderhalf, twee maanden voor uit om weer terug te gaan richting de 60 kilo. Dat deed ik naast mijn normale training. Voordat we ’s ochtends begonnen met krachttraining zat ik altijd een uur op een cardioapparaat, puur om te verbranden. Daarnaast ging ik extreem op mijn voeding letten. Ik at alleen wat ik nodig had, alle excessen gingen eruit.
Je was dus weken van tevoren al bezig met je gewicht halen?
Ja, ik ging langzaam minder eten. Zo’n vier weken van tevoren begon ik al met afbouwen. Als je steeds minder gaat eten, dan gaat je maag er ook aan wennen, dat is ook een kwestie van training. Tijdens het seizoen probeerde ik mijn gewicht stabiel te houden, zodat ik steeds maar maximaal twee kilo hoefde af te vallen.
In de laatste dagen viel ik ook af op vocht. Als je in de sauna gaat zitten, is elke twintig minuten een paar ons. Als ik het goed had gedaan van tevoren, dan was ik de dag voor een weging niet zwaarder dan één of anderhalve kilo. Normaal verlies je ’s nachts ongeveer een halve kilo, maar als je al uitgeknepen bent, dan is dat nog maar twee a drie ons. Dus ik wilde altijd naar bed op een gewicht van 60.3, 60.2. Dat voelde veilig. Het liefst nog iets lichter, want dan kun je nog een glas water drinken.
Sterf je dan niet van de honger en dorst?
Op de laatste dag heb je geen trek meer, maar wel dorst. Je tanden poetsen en dan een klein slokje drinken, dat is heerlijk, dat is fantastisch. Als ik ’s nachts dorst kreeg, wreef ik met een ijsklontje over m’n tong.
Hoe zit het met dat verhaal van één kiwi per dag?
Dat kun je redelijk letterlijk nemen. In de laatste week ben je echt extreem aan het balanceren. Je moet je gewicht halen, maar moet ook nog redelijk fit op een wedstrijd verschijnen. Soms bleef ik een tijdje hangen op een bepaald gewicht. Dat is irritant, dus dan ging ik wat extremer leven om echt even door die grens te zakken. Dan at ik echt heel weinig en at ik inderdaad maar een kiwi per dag. Dat kun je niet weken achter elkaar doen, maar de laatste paar dagen voor een weging wel.

Kana Ebinuma zet trots het gewicht van haar man Masashi op Instagram.
Werd je begeleid bij het afvallen of heb je alles zelf uitgevonden?
Ik heb veel naar Maarten Arens (huidige bondscoach, red.) gekeken. Die maakte op een gegeven moment een keiharde keuze door terug te gaan van 90 naar 81 kilo. Ik heb ook wel met wat voedingsdeskundigen gesproken, maar zij snapten niet helemaal wat ik deed. Ik wilde ook niet naar ze luisteren, omdat ik dan volgens mij binnen no-time 68 kilo had gewogen.
Ik weet dat ik op mijn manier altijd mijn gewicht haalde en drie uur later op de mat ook nog wat kon, maar ik weet niet of het de beste manier was. Ik at een kiwi, maar misschien was een banaan wel beter geweest. In de begeleiding vallen nog wel wat procentjes te winnen.
Ben je ook judoka’s tegengekomen met een heel andere aanpak?
Je hebt volgens mij twee typen afvallers: mensen zoals ik, die het gedisciplineerd aanpakken en er weken voor uittrekken om tijdens de training al tegen hun wedstrijdgewicht aan te zitten, en judoka’s die ervoor kiezen om tot een week voor een wedstrijd nog zes kilo zwaarder te zijn. Hun filosofie is: ik heb me heel lang heel goed gevoeld, en maar heel kort heel slecht. Die moeten die laatste week dus extreem crashen. Ik geloofde niet in die aanpak. Ik vond het fijn om de zekerheid te hebben dat ik het ging halen, en al een beetje te voelen hoe ik me op de wedstrijddag zou voelen.
Voelde je je ook beter door het afvallen?
Ik heb ook wel eens in een hogere gewichtsklasse gejudood, maar als ik niet hoefde af te vallen, miste ik toch een bepaalde scherpte en focus. Als je zo met je lijf bezig bent, dwingt dat je ook om heel erg met zo’n wedstrijd bezig te zijn. Het had ook wel iets, als ik op de weging tussen al die zestigers stond en er bijna een kop bovenuit stak. Dat was cool.
Dat afvallen is het dus allemaal waard geweest?
Ik stond ermee op en ging ermee naar bed, dus het bepaalde echt mijn leven. Maar het was wel een hele mooie periode. Afvallen hoorde daarbij. Misschien romantiseer ik het nu wel een beetje, omdat ik al een tijdje ben gestopt. Nu kan ik gewoon een lekker broodje eten of bier drinken, maar soms mis ik het wel een beetje om zo extreem met mijn lijf bezig te zijn. Om al die vezels en spiertjes te kunnen zien. Ik heb dankzij het afvallen mooie medailles gewonnen, maar ik weet niet wat er was gebeurd als ik wel naar 66 was gegaan. Dan was ik misschien ook wel heel goed geweest, of heel slecht. Maar ook als ik die medailles niet had gewonnen was het het waard. Daar ben ik van overtuigd.
Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen:

