Nihon Sport

Uitgebreide fotoreportage Grand Slam Paris 2019

Uitgebreide fotoreportage Grand Slam Paris 2019

Foto’s dag 1 HIER

Foto’s dag 2 HIER

Gastblog Willem Visser: Ongelooflijk

In 1966, tijdens de Europese Kampioenschappen Judo in Luxemburg, moest Jan Snijders van broek wisselen, omdat de Russische judoka Kiknadze op hem was gevallen bij het uitvoeren van een werptechniek. Het is me niet duidelijk of dit de aanleiding is geweest voor de heer Jan Snijders om het scheidsrechtersjasje aan te trekken, het is echter wel zo, dat Jan Snijder heel snel uitgroeide tot eerst de beste scheidsrechter van Nederland (hij belde me eens op om zich te verontschuldigen, omdat hij een paar yoko guruma van Murvin Eliazer niet juist beoordeelde) en snel daarna werd hij de beste scheidsrechter in de EJU en de IJF.
Uiteindelijk leidde dat tot zijn benoeming tot lid en later tot directeur van de scheidsrechter-commissies van EJU en IJF. Weliswaar is ‘don Juan’ Barcos de scheidrechtersdirecteur degene die het meest op de voorgrond treedt (hoofdzakelijk door internationale scheidsrechters publiekelijk te vernederen), het is toch Jan Snijders die de internationale scheidsrechters coacht en ook is het Jan Snijders die professioneel (= zeer deskundig, integer en in staat en bereid tot samenwerking) in het wedstrijdreglement het goede behoudt en daar waar nodig steeds verbetert.
Het is ongelooflijk dat Jan Snijders, als uiterst deskundig judoka en internationaal alom zeer gewaardeerd als scheidrechtersdirecteur, nog steeds niet is bevorderd tot 9e dan judo.
Aan de IJF kan het niet liggen; mijn promotie (en ik beteken internationaal bepaald niet wat Jan Snijders betekent) werd door de IJF binnen drie weken erkent en onderschreven door het toesturen van het daarbij behorende door EJU en IJF ondertekende certificaat.
Het zal toch niet zo zijn, dat de promotie  van Jan Snijders tot 9e dan judo ergens bij de JBN ‘in de la’ is blijven liggen, of nog erger…..door de JBN wordt geblokkeerd.
ONGELOOFLIJK!
Parijs 9 februari 2019
Willem Visser

Uitgebreide fotoreportage Belgian Open Judo Women Herstal 2019

Uitgebreide fotoreportage Belgian Open Judo Women Herstal 2019. Bekijk de volledige fotoreportage HIER

Variatie doen of lastig?

Zo lang mogelijk op je bed blijven liggen voordat je naar je studie (of werk) gaat. Net voordat je de deur uitrent, eet je nog snel nog een boterham met pindakaas, je ontbijt als altijd. 

Elke dag hetzelfde ontbijtje eten, er valt zeker iets voor te zeggen: het geeft structuur, je hoeft niet na te denken over wat je gaat maken én je weet zeker dat je iets voedzaams eet. Maar variëren heeft ook zo z’n voordelen.

Wanneer moet je variëren?

Er kunnen diverse aanleidingen zijn om je eetpatroon eens onder de loep te nemen en de stap te zetten om te kiezen voor een ander ontbijt, lunch, tussendoortje of diner. Je prestaties tijdens het sporten verslechteren, je voelt je erg moe en totaal niet fit, je ziet er bleekjes uit, krijgt opmerkingen van mensen uit je omgeving of je hebt kwaaltjes die je niet kunt thuisbrengen.

Waarom moet je variëren?

Elk voedingsmiddel heeft een eigen unieke samenstelling van nutriënten. Denk aan fruit dat veel vitamine C en voedingsvezels bevat. Deze voedingsstoffen komen we niet tegen in yoghurt of kwark. Die producten leveren juist weer veel eiwit en calcium.

Door te variëren met verschillende voedingsmiddelen, kun je ook de opname van bepaalde voedingsstoffen verhogen. Er is niet één voedingsmiddel dat alle nodige voedingsstoffen bevat.

Door gevarieerd te eten, krijg je afwisseling in je maaltijden. Elke dag anders eten zorgt ervoor dat je verschillende smaken proeft, andere geuren ruikt en hierdoor krijg je een andere smaakbeleving. Je kunt door variëren ook kennismaken met andere producten die niet oorspronkelijk in Nederland verbouwd worden. Het geeft je ruimte om nieuwe gerechten te maken en andere producten uit te proberen.

Eenzijdig eten zorgt ervoor dat je smaak vervlakt, je proeft steeds dezelfde smaken omdat je dezelfde producten gebruikt. Alles gaat op elkaar lijken. Het gevolg kan zijn dat eten niet leuk meer is, minder behoefte hebt in eten en je prestaties verminderen.

Hoe kan je variëren?

Het lijkt heel gemakkelijk om te variëren, maar in werkelijkheid zal het voor velen vreemd zijn. Je moet iets anders gaan doen dan je gewend bent. Het komt erop neer dat je buiten je ‘comfortzone’ zult treden.

Begin dus bij één hoofdmaaltijd, bijvoorbeeld de lunch of de warme maaltijd. Maak een planning, een boodschappenlijstje en bereid het goed voor. Heb je geen inspiratie? Neem dan eens de tijd om in de supermarkt of op de markt rond te kijken wat het aanbod is of check internet.

Zoek uit welke voedingsmiddelen voor elkaar inwisselbaar zijn en je kan eindeloos variëren. Je kunt variëren door binnen een productgroep andere producten te kiezen. Denk aan yoghurt met fruit en muesli dat je gaat vervangen door brood met kaas of een kommetje havermout met fruit.  Je kunt ook eens kiezen om een groenteomelet te maken of een broodje te beleggen met kipfilet, walnoten, veldsla en een dressing. Dan varieer je tussen verschillende productgroepen.Als je moet afvallen of veel sport doet raden wij de eiwitrijke variant aan, zoals magere kwark of Skyr. Niet zo dol op een bakje kwark? Meng het door je smoothie (met bv wat fruit).

Wil je een keer afwisselen met je sneetje brood? Neem 2 volkoren knäckebröd, 3 volkoren rijstwafels, een volkoren bolletje of mueslibol, 25 gram muesli of havermout. Je lunch met een schaaltje melk met havermout, een appel en kaneel, een maaltijd pastasalade of een eiwitpannenkoek met fruit. Het belangrijkste is dat je ervaart dat er veel mogelijk is en dat je lichaam alleen maar blij wordt van die verschillende producten.

Samengevat

Door gevarieerd te eten krijg je alle voedingsstoffen binnen die je lichaam nodig heeft. Hiermee houd je je lichaam fit en gezond. Pas kleine dingen aan: eet puur, dus niet bewerkt eten, neem kleurrijk eten, varieer goed en eet voldoende!

Misschien eet je al goed en dan hoef je niks aan te passen…

Eet Slim!

 

Met sportieve groet,

Daniëlle Gommers-Vriezema
Sportdiëtist, leefstijlcoach en sportbegeleider
(Di)eet Slim en Leef Slim

Praktijkadres (Di)eet Slim:
Sportcampus FSG, HEALTH gebouw
Laan van Westenenk 4
7336 AZ Apeldoorn

06-2125 58 76
info@dieetslim.nl

Tim Helmons wint landelijke “Jan Wetzer Stimuleringsprijs”

Tim Helmons en Bertie Wetzer

Helmond, – Tim Helmons uit Oud Gastel heeft de landelijke “Jan Wetzer Stimuleringsprijs” gewonnen. De prijs houdt in dat Tim voor 500 euro aan sportkleding en accessoires kan uitzoeken op de Internetsite van Nihon Sport Nederland.

“Dat worden spullen van Arawaza” zegt Tim trots. “Vanaf het begin wil ik eigenlijk alleen maar sporten in de karatepakken en protectie van Arawaza. Dat zijn de allerbesten. Voor mij geen ander merk!”

Tim behoort al tot de Nederlandse top van het jeugdkarate van de Karate-Do Bond Nederland. De karateka die begon bij Karate-Do San in Roosendaal traint sinds twee jaar bij Unity’99 in Rotterdam. “Ik bleek talent te hebben en mocht gaan trainen met betere trainingsmaatjes. Bij Unity’99 gaat dat perfect.”

Dat Tim talent heeft bleek afgelopen jaar toen hij tijdens de Europese kampioenschappen WIKF in het Portugese Braga de Europese titel op zijn naam schreef. Voor dit jaar kijkt hij al voorzichtig naar het komende Wereldkampioenschap WIKF.

Bertie Wetzer, die de prijs symbolisch uitreikte aan Tim, was erg enthousiast over de motivatie die Tim opgaf voor de Jan Wetzer Stimuleringsprijs. “Het ging Tim niet alleen om de sportieve prestaties. Niet alleen winnen en verliezen. Ook de mentale aspecten van de karatesport wist Tim goed te verwoorden. Karate heeft Tim persoonlijk laten groeien van een kind dat vroeger gepest werd tot een Europees jeugdkampioen. Schitterend!”

Uitgebreide fotoreportage 25e Internationale Hoogland Judotoernooi 2019

Voor een uitgebreide fotoreportage van het 25e Internationale Hoogland Judotoernooi 2019 klik HIER

Gastblog Willem Visser: Judo 1

 

De titel van dit artikel is simpelweg Judo.

Daarvoor heb ik gekozen, omdat het over Judo gaat.

(Judo 1, omdat er wellicht ook nog Judo 2 komt.)

Judo, een spel, een sport, een systeem van fysiek-mentale vorming (in ‘schooltermen’ lichamelijke opvoeding genoemd, alhoewel fysiek-mentale vorming niet geheel gelijk is aan lichamelijke opvoeding), een systeem voor zelfverdediging, een bewegings-culturele activiteit, een filosofie, een levenshouding. De volgorde van deze opsomming is onder andere afhankelijk van de leeftijd, de hoedanigheid, de belangstelling, de fase van ontwikkeling en de levensfase van de judo-beoefenaar, de judoka. Ongetwijfeld kunnen er nog meer omstandigheden, persoonlijke waarden en competenties aan deze opsomming worden toegevoegd, hetgeen ik verder ter invulling over laat aan de lezer.

In dit artikel ga ik niet in op de historie van judo; het zou heel mooi (en ook opmerkelijk) zijn als de JBN of NVJJL Dr Naoki Murata, Dr Michel Brousse, Dr Yves Cadot en prof. Carl de Cree zou uitnodigen om hen, in een opzienbarend seminar, te laten doceren over de historie van Judo. Graag laat ik dit onderwerp over aan het initiatief van JBN en/of NVJJL.

In dit artikel wil ik wel een bijdrage leveren aan de gedachtewisseling over het belang van randori en kata. Ja, ik weet dat ‘een bijdrage leveren’ uit mijn mond voor de JBN wellicht ‘ironisch’ klinkt en daarom is het goed om de juiste definitie van ironie te geven: ”geveinsde onwetendheid”; dat kan het dus hier, om verschillende redenen, niet zijn. Mijn bijdragen worden vaak als satire gezien, hetgeen ik een compliment vind, als men de vertaling van ‘satura lanx’ gebruikt: ‘een schaal vol gemengde vruchten’. Die ‘schaal vol gemengde vruchten’ wordt vaak niet gewaardeerd en smaakt voor velen met een gebrekkige melkzuurtolerantie ‘zuur’. Toch laat ik me niet ontmoedigen onder mijn persoonlijke motto:

“Als je jezelf aanpast heb je weliswaar de meeste kans om te overleven, maar…je onderscheidt je er niet door”.

KATA

In een artikel over KODOKAN JUDO (buiten mijn medeweten door iemand anders op FB gepubliceerd en gesigneerd) heb ik de ‘overload’ aan belangstelling voor kata al eens benoemd. De overmatige belangstelling voor kata dreigt het mooiste fenomeen in judo, randori, te overschaduwen.

Let wel, judo kan bestaan zonder kata; judo zonder randori is geen judo.

Maar, ook om te voorkomen dat ik gezien word als ‘ kata  bestrijder’ blaas  ik eerst de loftrompet over kata door er een aantal waarden van aan te geven.

Daar waar in wetenschappelijke artikelen definities gegeven worden van spel en sport (zie verderop in dit artikel) mede waardoor randori en shiai kunnen worden geduid, is dat niet het geval met het fenomeen kata. Zelfs in het onvolprezen (en vergeten) boek ‘Algemene theorie der menselijke houding en beweging’ van professor Buitendijk (Aula 175) is een fenomeen als kata of een equivalent daarvan niet opgenomen. (Overigens is het voor ieder die zich met houding en beweging bezig houdt heel nuttig om dit boek te bestuderen.)

Wat wel te gebruiken is, is een onderdeel van een wetenschappelijke studie van de universiteit van Hamburg, waar drie vormen van beweging  worden onderscheiden:

  1. Eenvoudig resultaat georiënteerd bewegen: hierbij zijn de motorische vaardigheden relatief eenvoudig, zowel technisch als conditioneel (wandelen, hardlopen, zwemmen). Het verbeteren van waarnemen, analyseren en situationeel handelen is bepaald niet van het grootste belang.
  2. Verloop georiënteerd bewegen: techniek is hier van veel groter belang dan bij eenvoudig resultaat georiënteerd bewegen; conditie is additioneel. (Turnen, kunstrijden).

Evenals bij eenvoudig resultaat georiënteerd bewegen is het verbeteren van waarnemen, analyseren en situationeel handelen ook niet van het grootste belang. Er zijn geen onverwacht snel wisselende situaties en beperkingen worden niet door anderen opgelegd.

  • Complex resultaat georiënteerd bewegen: in deze vorm van bewegen is techniek, conditie, waarnemen, snel analyseren, beslissen en uitvoeren van de techniek en snel en adequaat inspelen op steeds, vaak niet voorziene, wisselende situaties (veelal beperkt door tegenstrever, tijd en ruimte) kenmerkend. (Spelsporten en vechtsporten; waarbij in de vechtsporten, zoals judo, de tijd en ruimte het meest beperkt zijn.)

 (Sportwissenschaft und Sportpraxis, Band 38, Psycho-Training im Kampf- und Budo-Sport, Horst Tiwald. ISSN 0342-457X)

Kata kan geplaatst worden onder b. verloop georiënteerd bewegen.

Een van de kenmerken van kata is, dat de uit te voeren technieken de grondvorm van vaststaande bewegingen moeten zijn.

In zekere zin is de basis van kata een ‘theoretisch gegeven’ van aanval en verdediging, waarbij (evenals in randori en shiai; complex resultaat georiënteerd bewegen) ethiek, esthetiek, mechanica en logica onderdelen zijn.

Kata is geen demonstratie van afzonderlijke technieken (mag dat ook niet zijn); kata is een kunstvorm met een ‘eigen opvatting’.

Met ‘eigen opvatting’ wordt bedoeld, dat kata wordt uitgevoerd door tori en uke, die van gelijk niveau moeten zijn op gebied van techniek en instelling en waarbij harmonie en ritme belangrijk zijn. Er moet harmonie zijn in het eigen ritme en de ritmes van tori en uke moeten op elkaar zijn afgestemd. Die harmonie in het eigen ritme en de samenhang van de ritmes van tori en uke vormen ‘de eigen opvatting’. De grondvorm van vaststaande bewegingen kan niet worden aangetast, immers de definities van ethiek, esthetiek, mechanica en logica zijn niet veranderd.

Harmonie betekent niet hoekig, het is makkelijk, elegant en vloeiend; dat wil voor kata zeggen, dat ‘hoekige en felle handelingen’ vermeden moeten worden, omdat deze energieverkwisting tot gevolg hebben.

Ritme is de harmonische wisseling van spanning en ontspanning.

Ademhaling is van invloed op ritme, de ademhaling regelt het ritme; wie haar/zijn ademhaling beheerst, beheerst haar/zijn bewegingen, haar/zijn evenwicht, , haar/zijn lichaamshouding, haar/zijn geestelijke instelling.

Ook in kata geldt, evenals in het totale fenomeen judo, dat

‘alles moet leiden, met maximale doeltreffendheid, tot algemeen welzijn’!

Kata in judo is het harmonisch en ritmisch beoefenen en/of uitvoeren van de vaststaande grondvormen van judotechnieken door tori en uke, gebaseerd op het theoretische gegeven van aanval en verdediging.

De verschillende kata ontlenen de vaststaande grondvormen aan de verschijningsvorm, zoals principes van werpen, controleren, verdedigen, souplesse, balans en zelfs de plaats van de mens in de kosmos.

Kata is in vele opzichten een uitstekende oefening.

Als intermezzo wil ik een idee poneren voor de ontwikkeling van de judoka, wellicht ook van belang bij het opstellen van graduatie-eisen:

– in de kyu periode: aanleren van basistechniek zoals nage waza, (tachi waza, hikomi waza,

  renraku waza, renzoku waza en kaeshi waza) en ne waza (oase waza, shime waza en ude

  kansetsu waza);en…randori!

– 1e, 2e en 3e dan: verdieping van techniek en ontwikkelen van tokui waza; en…randori!

– 4e en 5e dan: diepgang, achtergronden, stijl en ritueel van onder andere kata; en ook  

  bestuderen wat, waarom en hoe.

  – 6e dan en hoger: betekenis van judo in het leven en in het leven van de judoka.

Judo is een vorm van fysieke en mentale opvoeding en vorming, een vorm van houding en beweging. Houding en beweging houdt veel meer in dan alleen maar doelmatigheid; en zorg besteden aan stijl en achting van ritueel moet een voorname plaats hebben.

Hier passen ook de wijze woorden van Olympisch Kampioen Anton Geesink:

“If you want to be a Champion, you have to look like a Champion!”

Twee andere Olympische kampioenen uit Nederland, Willem Ruska en Mark Huizinga, zijn hierin even grote voorbeelden!

Ook examens en examinatoren dienen stijlvol te zijn en ook hier moet ritueel een plaats hebben. Stijl en ritueel brengen waardigheid en rust.

Onder leiding en inspiratie van de heer Peter Demandt is dit op nationaal niveau zeer goed georganiseerd; hij zag in dat stijl en ritueel ook bijdragen aan het waardige verloop van examens voor 4e dan en hoger. De heer Demandt verdient hiervoor grote complimenten!

RANDORI en SHIAI

Daar waar ik kata oefening noem, daar noem ik randori spel en shiai sport (sport = spel in competitie met elkaar).

Het is hier wel nuttig om eens te kijken naar wetenschappelijke definities van spel en sport, van onder andere Huizinga, Guttman, Mandell en anderen.

– spel is een vrijwillige activiteit met grenzen en tijdslimiet, volgens geaccepteerde en  

   bindende regels, ‘met het doel in zich’, en met een plezierige spanning door iets anders te

   doen dan in het normale leven.

Dus in deze definitie is plezierige spanning en anders doen dan in het normale leven van groter belang dan presteren en resultaat.

Voor sport zijn, evenals voor spel overigens, meerdere definities te geven, onder andere:

– (spel)activiteiten die gericht zijn op fysieke en mentale inspanningen met resultaat als doel;

– sociaal fenomeen gerelateerd aan wedstrijd- en competitie elementen;

– fysieke spelactiviteit in wedstrijdverband;

– een moderne definitie van sport is:

  competitie in tal van fysiek-mentale activiteiten, waarin ambitie, inspanningen en het   

  overwinnen van hindernissen leidt tot meetbaar en vergelijkbaar resultaat.

Resultaat kan dan objectief zijn, bijvoorbeeld kampioenschappen; ook kan resultaat subjectief zijn, bijvoorbeeld het behalen van persoonlijke doelen of het verbeteren van persoonlijke prestaties.

In een aantal  van bovenstaande definities staat ‘wedstrijd’ centraal. Taalkundig (ook in de ‘volksmond’) bedrijven we ook sport als we gaan hardlopen, paardrijden of zwemmen zonder dat er sprake is van competitie, tenzij dat je de competitie aangaat met jezelf; beter, verder, sneller.(subjectieve prestatie.)

Een definitie voor judo als sport is gemakkelijk te geven als we de ‘moderne definitie’ als basis nemen.

Laten we niet vergeten, dat Kano Shihan zich tot het uiterste heeft ingespannen om judo Olympisch ‘te maken’ en om zijn systeem te bewijzen en te promoten maakten zijn studenten vele wedstrijden! Kano Shihan was bepaald geen tegenstander van shiai.

Ook een definitie van randori is te geven met gebruikmaking en met judo-specifieke aanvullingen.

Randori is het ‘vrije spel van aanval en verdediging in judo’, waarin de judoka gebruik kan maken van de judotechnieken in nage waza en ne waza.

Een doel van randori is om de tegenstrever (de trainingspartner) te werpen of te controleren. (Shime en ude kansetsu waza zijn onderdeel van controle techniek, controletechnieken met opgave tot gevolg.)

En in dat vrije spel kiest de judoka technieken die bij haar of hem passen en die zij of hij toepast in de ‘spel-specifieke situaties’.

In randori leert men om snel en adequaat in te spelen op steeds wisselende, vaak niet voorziene, situaties. (complex resultaat georiënteerd bewegen.)

Het hoofddoel van randori is: persoonlijke ontwikkeling. En…..randori biedt de beste mogelijkheid voor die persoonlijke ontwikkeling.

Randori ‘draagt dus het doel in zich’.

Veel vergelijkingen ‘gaan mank’ en wellicht deze ook:

Als kata de grammatica van judo is dan is randori het proza.

In randori schrijf je als het ware je eigen boek, in randori ‘maak’ je je eigen judo; in randori kun je eventueel gebruik maken van  hetgeen men (be)oefende in kata.

Eerder in dit artikel gaf ik als intermezzo een (mogelijke) ontwikkelingsgang in judo aan. In die ontwikkeling zien we een langdurige techniekontwikkeling, die gepaard moet gaan met het spelen van het judospel: RANDORI.

Randori mag NOOIT ontbreken in de ontwikkeling van een judoka. Randori mag zelfs in geen enkele judotraining ontbreken.

En….randori is het beste ‘voorportaal’ voor shiai.

Het hoofddoel van randori is: persoonlijke ontwikkeling. En…..randori biedt de beste mogelijkheid voor die persoonlijke ontwikkeling.

Terugkijkend naar het ‘intermezzo’ met daarin de ontwikkeling van een judoka en de mogelijke exameneisen, dan zien we dat een heel lange periode, tot en met 3e dan, de hoofdmoot van de ontwikkeling bestaat uit techniektraining en natuurlijk behoort daartoe ook ‘het vrije spel’: randori! Eigenlijk leert de judoka de technieken om deze te gebruiken in randori en shiai.

Onlangs las ik, dat op een seminar werd nagedacht en gesproken (ik hoop in deze volgorde) over het aantal judo-beoefenaren; dat aantal zou teruglopen. En de terugloop van het aantal judo-beoefenaren zou gestopt kunnen worden door het ontwikkelen van jeugd-kata?

Bij het lezen van deze stelling verkeerde ik enige tijd in een toestand van ontzetting.

Het zou te satirisch worden om alle associaties, die dit bij mij oproept, weer te geven; men zoekt de oplossing niet eens in de verkeerde hoek, maar daar waar deze absoluut niet is (‘blindheid’ genoemd!). En weer verwijs ik naar het intermezzo, waar bij 4e dan de verdieping begint…..

Natuurlijk is kata-beoefening nuttig en prijzenswaardig; het mag echter geen obsessie worden, want obsessie verblindt!

De oplossing om het, vermeende, aantal afnemende judo-beoefenaren te stoppen is door tot en met 3e dan techniek te trainen en het spel, randori, te spelen; steeds aangepast aan leeftijd en fase van ontwikkeling.

Het is heel gemakkelijk voor leraren om, al of niet met de armen over elkaar, kata te onderwijzen. (zie ‘verloop georiënteerd bewegen’)

Het is veel moeilijker voor leraren om, de handen uit de mouwen en met het zweet op de rug, judoka techniek bij te brengen, om vervolgens het spel te (laten) spelen. (zie ‘complex resultaat georiënteerd bewegen’.)

Daardoor, het beoefenen van het judospel, zal het aantal judo-beoefenaren toenemen, de persoonlijke ontwikkeling van judoka zal het beste zijn; het niveau van judo zal enorm stijgen, waardoor judo als wedstrijdsport ook weer in de lift komt.

Naar mijn mening moet hier, in ‘NL Judo’, de meeste aandacht aan worden besteed onder het alom bekende judo-principe:

‘alles moet leiden, met maximale doeltreffendheid, tot algemeen welzijn’!

Jeugd-kata leidt NIET tot algemeen welzijn met maximale doeltreffendheid.

Randori biedt de beste mogelijkheid voor persoonlijke ontwikkeling.

Kodokan Go Kyo no Waza

Een kind, jeugd, junioren en vele senioren willen spelen, willen sporten; zij willen randori en/of shiai en natuurlijk zal er een perfecte opleiding en vorming aan ten grondslag moeten liggen.

In 1960 maakte ik bij mijn eerste leraar Wim Cobben kennis met het Kawaishi systeem. De meeste lezers kennen het nog wel; 1e beenworp, 2e beenworp enz. en in ne waza werden de technieken in verschillende posities aangeleerd. (Bij Wim Cobben leerde ik ook hoe men een club van ‘gevarieerd pluimage’ ontwikkelde en bij elkaar hield; ook daar is nu, in tijden vermeend van ledenverlies, veel van te leren!)

In 1965 maakte ik bij mijn leraar Jan van der Horst, 9e dan, kennis met het Kodokan Go Kyo no Waza; kort daarna bij sensei Ishiro Abe, 10e dan.

Sensei Ishiro Abe heeft een uitstekend boek over het Kodokan Go Kyo no Waza geschreven, gepubliceerd in het Nederlands en in het Frans. (Universitaire Publicaties Brussel)        

Door beiden en door voortdurende studie heb ik inzicht gekregen in de waarden, inclusief veiligheid, van het Kodokan Go Kyo no Waza; later heb ik in vele landen uitleg mogen geven over deze  unieke ontwikkelingsmethode van judo. (Zie ook: www.willemvissercoaching.eu)

Ondanks het voorhanden zijn van een perfecte en unieke ontwikkelingsmethode, het Kodokan Go Kyo no Waza, (door Kano shihan en zijn medeleraren ontwikkeld) zijn er steeds weer initiatieven genomen en inspanningen verricht om een andere of betere methode te ontwikkelen. Als ik de potentiële ontwikkelaars vroeg waarom men dit deed, dan kreeg ik meestal antwoorden zoals: “IK wil mijn eigen systeem ontwikkelen”, of “IK wil niet gebonden zijn aan vooraf omschreven methoden” en vaak werd daar nog aan toegevoegd “En IK wil zeker geen systeem dat door Japanners is ontwikkeld”.

Opvallend is het woord “IK”, wat de vraag opwerpt of men ook aan de, al of niet jeugdige, judoka heeft gedacht…..

Men kan beter de vraag stellen welk systeem het beste is voor de judoka, met in het achterhoofd alle specifieke waarden van judo, eerder in dit artikel benoemd.

Vreemd dat men Japanse leraren voor kata-training naar Nederland laat komen en dat men een Japans systeem voor techniek-ontwikkeling afwijst of in veel gevallen niet voldoende of helemaal niet kent….., terwijl juist kata geen ‘eigen systeem’ is, gebonden is aan vaste vorm en inhoud, en door Japanners is ontwikkeld!

Ook vreemd dat er zwaar overdreven aandacht is voor kata, en zelfs nu ook voor kinderen, terwijl randori en de voorbereiding daarvoor veel essentiëler is voor judo!

Geruime tijd geleden zag ik Gé van den  Elshout examen doen voor 7e dan. Met alle respect voor alle andere examenkandidaten moet ik toch zeggen, dat zijn examen voor 7e dan een ‘grote verademing’ was, omdat zijn enorme ervaring in randori en shiai duidelijk terug te zien was in al zijn (Busen)kata; ritmisch, harmonisch, natuurlijk!

Het volgende ‘gok’ ik; ik denk dat Gé van den  Elshout tot aan 4e dan veel, heel veel techniektraining, randori en wedstrijden heeft ‘gedaan’.

In plaats van een ‘overload’ aan aandacht en beoefening van kata is het voor de ontwikkeling van de judoka en daarmee het gehele judo van essentieel belang dat randori het belangrijkste fenomeen in judo blijft.

Kodokan Go Kyo no Waza kan in de voorbereiding van randori en shiai van zeer groot belang zijn.

Onlangs stuurde een Nederlandse leraar mij een bericht, waarin ik als obsoleet werd ‘neergezet’. De berichtgever is waarschijnlijk niet op de hoogte van het onderstaande:

Geen waarheid, geen waarde kan ooit worden gekend zonder de onbevangenheid die nodig is om voorbij het uiterlijk en de schijn te komen.

En ook is het goed om te weten, dat als wijsheid pas komt als het te laat is, de wijsheid nutteloos is.

Met dank aan mijn leraren, judoka die ik heb mogen begeleiden en deskundigen waarvan ik heb mogen leren.

 

Willem Visser

januari 2019

Gewicht maken

Gastblog door Leo Verhoeven

Wat een ellende binnen de vechtsporten om maar steeds gewicht te moet maken. De sporters willen in een zo´n licht mogelijke gewichtsklasse uitkomen om meer kans te hebben om te winnen. In een lichtere gewichtsklasse heb je minder weerstand denken ze en dus meer kans om te winnen.  Dat afvallen moet dan meestal in de week voor aanvang van de wedstrijd gebeuren. Een lichtgewicht die in de laatste week voor de wedstrijd nog 5 ȧ 6 kg moet afvallen is geen uitzondering. Vechtsporters nemen bewust het risico en maken gebruik van ongezond afvalgedrag. Coaches laten dat gebeuren en hen ontbreekt de juiste kennis van het verantwoord afvallen.

Hoe moet het dan?

Iedere logisch denkende coach zal zijn pupil adviseren om gebruik te maken van een methode om geleidelijk aan gewicht te maken in plaats van een manier waarbij de laatste paar dagen voor de wedstrijd nog vele kilo’s moeten worden afgevallen door minder of niet te eten.  Als vechtsporters circa een week voor  de wedstrijd nog gewicht moeten maken, kan een weloverwogen keuze gemaakt worden om daarbij niet meer dan 1,5 tot 2 procent  van het lichaamsgewicht aan vocht kwijt te raken, omdat uitdroging van meer dan 1,5 tot 2 procent de sportprestatie en de gezondheid negatief zal beïnvloeden.

Bij jonge kinderen moet  de coach en de ouders er op letten dat het kind voldoende eet  en tijdig doorgroeit naar een hogere gewichtsklasse. Kinderen van 12 tot 18 jaar zouden niet meer dan 1,5 procent boven hun wedstrijdgewicht moeten zijn. Als het meer is dan is de consequentie dat er in een hogere gewichtsklasse moet worden uitgekomen.

Bij meisjes die aan topsport doen is het bekend dat hun menstruatie later kan plaats vinden. Voor hen is het ook van belang dat hun voedingspatroon zodanig is dat er geen menstruatiestoornissen optreden.

Bij mannelijke gewichtsklassensporters mag het vetpercentage niet minder zijn dan 5% en bij vrouwelijke gewichtsklassensporters niet lager dan 12%. Ik zeg er wel bij als dit haalbaar is. Bij zulke vetpercentages ben je zo slap als een vaatdoek en sla je nog geen deuk in een pakje boter. Ook ben je extra vatbaar voor ziektes. Zonder lichaamsvet overleven we het niet.

Als je echt aan topsport doet dan moet je je ook laten begeleiden door iemand met verstand van zaken in deze, zoals een sportdiëtist of voedingsdeskundige, die zijn of haar sporen in de vechtsporten heeft verdiend. Hij of zij kan adviseren welke gewichtsklasse het beste bij de vechtsporter past door het meten van de lichaamssamenstelling en rekening te houden met individuele factoren.

Het is van belang dat de lichaamssamenstelling en het vochtgehalte door middel van duidelijk vastgestelde gelijke herhaalbare procedures wordt gemeten.  Het meten en wegen moet geen obsessie worden voor de vechtsporter. Het moet wel leuk blijven voor de sporter en omgeving. Soms is de impact van het gewicht maken zo groot dat dit het einde van de topsport carrière is, zonder serieus te hebben overwogen om in een zwaardere gewichtsklasse uit te gaan komen. De stijl en het fysieke vermogen kan beter aansluiten bij die van een hogere gewichtsklasse.  Vele vechtsporters betreuren dat ze niet eerder zijn overgestapt omdat ze veel beter in hun vel passen.

De tijd tussen weging en de wedstrijd kan kort maar ook een hele dag zijn en wordt optimaal benut om de negatieve invloed van snel gewicht maken te beperken. Na de weging worden zoveel mogelijk het verlies aan vocht en koolhydraten optimaal aangevuld. De manier waarop dit gebeurd is dus mede afhankelijk van de tijd tussen de weging en de wedstrijd. Tijdens oefenwedstrijden wordt de te gebruiken methode uitgeprobeerd en geëvalueerd.

Eigenlijk overbodig om te zeggen maar het is van het grootste belang dat de vechtsporter zoveel mogelijk op gewicht blijft tijdens het gehele seizoen, zodat het jojo-effect  wordt voorkomen. Dus ook meten buiten de wedstrijdperiode. Meten is weten.

cid:CE9B2772-5A3A-461F-A435-16FA8693F5A2@home

Leo Verhoeven RDG
Bureau Op Eigen Kracht


Over de blogger:

Leo Verhoeven

Leo Verhoeven is een autoriteit op het gebied van weerbaarheid en het omgaan met agressie. Als officier van dienst bij de politie werkte Leo dagelijks met de organisatorische, juridische en mentale kanten van agressie. Inmiddels verzorgd hij al jaren verschillende trainingen omgaan met agressie voor doelgroepen als BOA’s, handhavers, BIT, BOT, verschillende agressieteams, toezichthouders, medewerkers sociale zaken, docenten, horecaportiers en kwetsbare vrouwengroepen. Hij ontwikkelde mede de A.Z. toets voor de politie Nederland, leidde IBT-docenten voor de Douane, docenten R.T.G.B. en meer dan 150 con-collega’s omgaan met agressie op. 
Met twee Europees kampioenschappen jiu-jitsu, een 6e dan in judo en een 6e dan in jiu-jitsu op zijn naam, doceert Leo onder andere aan het C.I.O.S te Sittard en aan de Politieacademie. Zo leidt hij toekomstige docenten op om te werken bij defensie, politie en in de sportsector.
Gebaseerd op zijn jarenlange praktijkervaring richtte Leo ruim 15 jaar geleden bureau Op Eigen Kracht (
http://www.opeigenkracht.nl/) op en schreef hij het boek “Op Eigen Kracht”. Het boek is een leidraad voor weerbaarheid- en zelfverdedigingcursussen voor vrouwen. Voor het C.I.O.S. ontwikkelde Leo met succes de opleiding instructor Gevaarsbeheersing. Deze erkende en populaire opleiding trekt al jaren cursisten uit binnen -en buitenland

Linkedin profiel Leo Verhoeven

Yordi van Lieshout wint regionale “Jan Wetzer Stimuleringsprijs”

Bertie Wetzer overhandigt Yordi van Lieshout een adidas judopak

Helmond, – De Lieropse judoka Yordi van Lieshout heeft de regionale Jeugdstimuleringsprijs toegekend gekregen; een van de 3 prijzen die jaarlijks vergeven wordt vanuit de “Jan Wetzer Stimuleringsprijs”.

“Hij is een judoka die ervoor gaat ook in moeilijke tijden. Dan blijft hij vasthouden aan zijn sport en haalt daar het plezier uit. De sport judo vindt hij zo leuk dat hij zelfs een opleiding gezocht heeft die dichtbij de sportschool ligt. Dit om maar te blijven groeien in het judo.”

Deze motivatie sprak juryvoorzitter Bertie Wetzer aan. “Yordi heeft een erg moeilijk jaar achter de rug maar de liefde voor de sport helpt hem er doorheen.”

Yordi komt uit een echte judofamilie. Vader John van Lieshout en moeder Claudia van Lieshout – Moors wonnen tal van nationale en internationale judotitels. Zusje Joanne is een van Nederlands grootste judotalenten en wint momenteel alles wat er te winnen valt in haar leeftijdsklasse. Maar ook oom Peter en tante Jessica hebben tal van judotitels op hun naam staan.

Yordi’s oudere broer Youri was ook judoka maar stierf afgelopen jaar op 17-jarige leeftijd na een kort maar heftig ziekbed. Vorige maand overleed ook opa Joseph van Lieshout die al tientallen jaren zijn zonen John en Peter en later zijn kleinkinderen supporterde vanaf de tribune.

Yordi hoopt volgend schooljaar de overstap te kunnen maken naar het Joriscollege in Eindhoven; een LOOT-school die het mogelijk maakt wedstrijdsport te combineren met school. Yordi traint, net als zijn zusje Joanne, bij Essink Sportcentrum in Eindhoven.

Bertie Wetzer overhandigde Yordi afgelopen week alvast een wedstrijd judopak van adidas. Yordi krijgt een Stimuleringsprijs van in totaal 500 euro aan sportkleding en accessoires die hij zelf mag uitzoeken op www.nihonsport.nl

Komende weken worden de landelijke Stimuleringsprijs voor een jeugdsporter (-16) en de Verenigingsprijs nog uitgereikt. De winnaars zijn al geïnformeerd.

De aantrekkingskracht van kata en een leven lang judo

Koen Vermeulen en Ruud van Zwieten

Ons judoliefhebbers wordt verteld dat kata en randori gelijk zijn aan de wielen van een wagen. Tijdens trainingen wordt ons gezegd dat ze onontbeerlijk zijn voor het leren van de juiste technieken. Desondanks zijn we dag en nacht bezig met randori-gerichte training en zien we kata slechts als een middel om een hogere dan te verkrijgen.

Toen ik in mijn jonge jaren bezig was met competitief judo, had ik zelf ook nooit serieus nagedacht over kata. Ik wist er niets van en was er dus ook niet in geïnteresseerd. Op mijn 28e begon er echter een nieuw hoofdstuk in mijn leven en kreeg ik de kans om naar de afdeling Lerarenopleidingen voor de Krijgskunst van de Nationale Politieacademie (Judo) te gaan. Dit was voor mij een fantastische gelegenheid om als instructeur opnieuw kennis te maken met de basisbeginselen van het judo. Omdat ik direct kata-les kreeg van geweldige leraren, ontwikkelde zich een interesse in mij die ik nog niet eerder had gevoeld en sloeg ik een nieuwe weg in naar een leven waarin ik mij bewust was van het begrip kata.

De Nationale Politieacademie in Fuchū

Dit was voor mij een keerpunt. Ik raakte betrokken bij kata-demonstraties op de All-Japan Judo Championships en de opnamen van een kata-video waarop ik zo vaak voor uke moest spelen, dat ik uiteindelijk blauwe plekken op de achterkant van mijn dijen kreeg. Ook de kans die werd geboden om in het buitenland kata-les te geven, is voor mij een waardevolle en onmisbare ervaring geweest. Zonder kata zou ik niet zijn wie ik ben. Hoe meer ik leer, des te meer ik ontdek. Kata hebben mijn hart gestolen.

Jigorō Kanō leert ons: “Als je kata en randori vergelijkt met de zinnen in een tekst, dan vormen kata de grammatica, en randori de tekst. Door te leren hoe de grammatica werkt en hoe je een tekst moet schrijven, leer je schitterende zinnen te bouwen. Zo is het ook met kata en randori: door ze samen te oefenen, verbeter je je techniek.”

Judotechnieken bestaan uit talloze methoden voor aanval en verdediging. Voor kata zijn hier typische en praktische vormen uit gehaald, die zijn samengevoegd tot een vast geheel van volgorden en methoden. Door kata te oefenen, leer je de theorie achter de juiste uitvoering van de technieken, zodat je jezelf deze technieken eigen kunt maken.

Ik heb echter het idee dat veel judoliefhebbers in de vooronderstelling verkeren dat judotechnieken alleen bestaan uit de nagewaza en katamewaza uit het randori. Maar judo heeft zich ontwikkeld vanuit het jiujiutsu en omvat daarom alle martiale technieken. Die technieken kun je oefenen met kata. Dat geldt vooral voor atemiwaza.

Als je alleen binnen Japan actief bent, heb je het helemaal niet in de gaten, maar naarmate je meer betrokken raakt bij instructie in het buitenland, zie je bijna niets anders: mensen gaan volledig op in het judo. Ze klagen niet over de allesbehalve ideale judo-omstandigheden als hun tatami en gi totaal versleten zijn. Ze laten geen moment onbenut, zijn zich totaal niet bewust van tijd en stellen continu vragen. Ik verbaas me altijd over hoe serieus men met kata bezig is. Mensen vragen me zelfs om hun kata te beoordelen alsof het een echt dan-examen betreft.

Ik heb sterk het gevoel dat dit anders is bij de Japanners, voor wie kata-onderwijs welhaast vanzelfsprekend is. In het buitenland vergeet ik de hitte van de dojo en heb ik het ondertussen geweldig naar mijn zin. Het zou mooi zijn als de Japanse judojeugd zich meer bewust wordt van de ideale omstandigheden waarin wij verkeren. Daar moeten we dankbaar voor zijn, en juist dat zou ons nog meer moeten enthousiasmeren.

Dit jaar wordt de 22e editie van het nationale kata-toernooi, de All-Japan Kata Judo Championships, gehouden. Dit toernooi vindt plaats om de verspreiding en promotie van het judo te bevorderen via kata, dat samen met randori de peilers voor onze judotraining vormt. Sinds de oprichting van de Kōdōkan hebben onze voorgangers gestreefd naar nationale unificatie van de negen kata, waardoor het judo lange tijd allerlei veranderingen heeft ondergaan. Een van de schitterende resultaten daarvan is dit kata-toernooi, en ik kan slechts hopen dat deze ontwikkeling zich zal voortzetten.

De All-Japan Kata Judo Championships

De verspreiding van kata begint ook in het buitenland zijn vruchten af te werpen: de laatste jaren mogen kata zich internationaal in een steeds grotere belangstelling verheugen, zelfs in die mate dat het op alle onderdelen voor Japan steeds moeilijker wordt om nog gouden medailles te halen. De vorderingen die wereldwijd worden geboekt op de World Kata Championships zijn dan ook opmerkelijk te noemen.

Buitenlanders die meedoen aan de kata-seminars van de Kōdōkan zeggen dat ze kata willen leren in Japan, omdat dit land de bakermat van het judo is. Ik verbaas me over het feit dat er mensen zijn die nuchter (en terecht!) antwoorden dat de leer van judo niet alleen om wedstrijden draait, en dat hun doel om judo te leren ergens anders ligt.

Ook in de prefectuur Iwate organiseer ik drie keer per jaar een kata-seminar en -toernooi en streef ik naar verbetering en versterking van kata, zodat het judo zich verder kan ontwikkelen. Kata mogen zich in een steeds grotere belangstelling verheugen en het aantal deelnemers aan het seminar stijgt elk jaar opnieuw. Het beoogde doel is bereikt, maar we zijn helaas nog niet zo ver dat kata ook competitief worden beoefend. Wat kata-toernooien betreft houden we op één dag een seminar en een voorronde voor de onderdelen op de All-Japan Kata Judo Championships waarvoor de regio Tōhoku uitkomt. Tijdens seminars op andere dagen houden we ook demonstraties voor andere onderdelen, maar we zullen iets moeten doen aan het feit dat er elke keer maar 10 paren meedoen. Daarnaast zal het nog wel even duren voordat mensen gewend zijn aan de andere invalshoek bij kata ten opzichte van randori. Bij kata ligt het accent op het verkrijgen van inzicht, verfijnde motoriek en de diepgaande gedachte achter de expressie.

De prefectuur Iwate
De prefectuur Iwate

Ten slotte is het enorm jammer dat oudere leerlingen, die geen randori meer kunnen uitvoeren, geen plaats meer krijgen in de dojo en daardoor als vanzelf steeds verder van het judo af komen te staan. Ik constateer echter dat oudere mensen zich bij andere sporten alleen maar meer verdiepen in hun studie. Zouden we binnen het judo ook geen methoden en locaties nodig hebben die zich richten op veteranen? Kata zijn daarvoor onontbeerlijk.

Door kata te leren, kun je je op hogere leeftijd nog meer verdiepen in het judo. Ik hoop dan ook dat we kata verder kunnen integreren in het judo, zodat mensen deze sport hun leven lang kunnen blijven beoefenen. En ik hoop dat we veel leraren kunnen opleiden die de positie van het kata verder kunnen verbeteren. Met mijn activiteiten in Iwate hoop ik daar een kleine bijdrage aan te kunnen leveren.

Midori Chiba
Voorzitter van de judobond van de prefectuur Iwate

We gebruiken onder andere analytische cookies om ons websiteverkeer geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen.
Meer informatie over de verwerkte gegevens kunt u lezen in onze privacystatement.

[X] Ik ga akkoord met bovengenoemde privacy verklaring